Noordenvelders – Geert Pieter Rijpma

Beroemd in eigen dorp, dat is –ie zeker. Is er wat te doen in Roden, is Geert Rijpma erbij. Feestje, terrasje en natuurlijk een pilsje op de Rodermarkt. Zo’n twintig jaar lang was hij verantwoordelijk voor de standwerving op de Jaarbeurs. Geboren is hij niet in de parel van het noorden, tot zijn twaalfde woonde Geert in Zevenhuizen. Ondernemersdrift van zijn vader bracht hem naar Roden. Rijpma Meubelen was een begrip in het dorp en ver daarbuiten.

1963 was het toen pa Rijpma een meubelzaak begon aan de Heerestraat, in het pand naast de toenmalige fotozaak De Klerk. Al op jonge leeftijd stond Geert in de zaak. ‘Ik was niet zo’n leerder. Toen ik dertien was kwam ik met mijn hand in een cirkelzaag. Twee vingers eraf. In Zevenhuizen hadden we een meubelfabriek, daar hielp ik vaak. Nadat mijn vingers eraf waren, ben ik op mijn vijftiende direct gaan werken. Hinder heb ik er nooit van gehad. Ik heb altijd meer met mijn mond gewerkt dan met mijn handen. Ik bemoeide me met de inkoop en de verkoop.’ Op zijn 24e startte Geert en tweede zaak, aan de Ceintuurbaan Noord, waar nu een sportschool gevestigd is. ‘Daar verkocht ik moderne meubelen, daar lag meer mijn passie. En nog steeds. Mijn broer ging door met klassieke meubelen aan de Heerestraat.’

In 1978 kwam er in één klap een einde aan het leven van de broer van Geert. ‘Hij is dodelijk verongelukt op de Norgerweg. Een jaar later overleed mijn vader tijdens een Rijnreis in Duitsland. Een hartstilstand. Erfelijke afwijking bleek later, ik heb zelf tien jaar geleden een hartstilstand gehad, gelukkig was de ambulance op tijd. We gingen door. In het verleden blijven hangen heeft geen zin. Je kunt er niks mee. Ik ben net als mijn moeder. We denken in mogelijkheden en problemen zijn er om op te lossen. Nadat mijn broer verongelukt was, ben ik gestopt aan Heerestraat en richtte me volledig op de Ceintuurbaan, verbouwde de zaak tot een oppervlakte van 2000 vierkante meter. In de jaren ‘79/’80 sloeg de economische crisis toe, de rente op handelsgeld was 23 procent. Na surséance van betaling ben ik gestopt met de zaak. Het was niet meer te doen. Ik ben bij mijn grootste schuldeiser aan het werk gegaan. Door het hele land heb ik faillissementsverkopen en freelancebeurzen gedaan. Via beurzen in Groningen en Zuidlaren ben ik bij Schippers Meubelen terechtgekomen. Daar werkte ik tot voor corona nog steeds. Ik werd verantwoordelijk gesteld voor alle consumentenbeurzen.  Draaide grote beurzen in Groningen, Zuidlaren en Leeuwarden. Met 30 man opbouwen, met 18 man verkopen. Mooie tijd. Later heb ik, 2000 was het geloof ik, samen met onder andere Angelo Indri Wonen & Co de beurs opgezet. Een beurs met alles op het gebied van wonen. Dat was meteen een succes.’

Hoewel 73, stilzitten is er niet bij voor Geert Rijpma. Samen met Hennie haalt hij zoveel mogelijk uit het leven. ‘We stellen niets uit. Waar we zin in hebben, doen we. Ik leef vandaag en morgen is morgen. Ik heb al een aantal keren met mijn voeten in de modder gestaan. Het leven kan binnen een uur anders zijn, daar weet ik alles van. Ondanks alles wat ik meegemaakt heb, geef ik mijn leven toch een acht. Ik verbaas me wel eens over mensen die zich overal druk over maken. Over een prik bijvoorbeeld. Of over de bouwstijl van een pand in het winkelcentrum om maar iets te noemen. Sommigen ergeren zich overal aan. Wat je ook doet, je doet het nooit goed. Van dat soort mensen neem ik wat meer afstand, heb geen zin in dat gedoe. Ik ben met het laatste stukje van mijn leven bezig. Je moet ervoor zorgen dat je een beetje prettig leeft. Ik vind het leuk om dingen te ondernemen. Ik werk nog steeds voor mezelf. Ik geef commerciële adviezen en interieurstyling. Veel mensen kunnen niet in plaatjes denken. Bijvoorbeeld wanneer ze van een bungalow naar een appartement gaan. Of van een twee-onder-een-kap naar een bungalow. Ik ben de schakel tussen klant en meubelzaak. Kom bij mensen thuis, bespreek de wensen en maak een leuk ontwerp. Vervolgens ga ik met ze mee naar de meubelzaak. Ben een soort personal shopper. Als ik een beetje gezond blijf, kan ik dit nog heel lang blijven doen.’