Noordenvelders: Henk Bathoorn

Elke dag loopt hij nog even bij de zaak binnen. Henk Bathoorn van Schadenet Bathoorn mag dan met pensioen zijn, hij heeft nog genoeg te doen. Auto’s wegbrengen, het terrein onderhouden, er is altijd wel iets te doen. In zijn schuur staan een oude Eend en een DAF. Beide auto’s rijden weer en zijn helemaal opgeknapt.


‘De DAF was van een tante van Janna. Vroeger was het zo dat je, als je je rijbewijs in een DAF haalde, daar eerst ook in moest rijden. En ze is nooit overgestapt,’ vertelt Bathoorn, ‘Die DAF hebben we geërfd. Die gaat nooit weg. De Eend is dezelfde als onze allereerste auto. Pure nostalgie dus.’
Bijna zijn hele werkzame leven zat hij in de auto’s. ‘Mijn vader had een schildersbedrijf. Ik heb ook voor schilder geleerd. Ik vond dat best mooi werk, maar je bent heel afhankelijk van het weer. Als je dan buiten aan het schilderen was en het begon te regen, kon je weer stoppen. Op een dag moest ik als schilder aan het werk in een garage. De eigenaar vroeg of het me mooi werk leek, spuiten en lakken. En zo ja, dan kon ik zo bij hem aan het werk. Dus dat deed ik, naast het schilderwerk. Mijn vader vroeg me op een gegeven moment of ik nog veel langer wilde leven. Hoezo? Vroeg ik. Omdat ik volgens hem te veel werkte. En dat was ook zo, na een dag schilderen ging ik nog ’s avonds aan het werk. Dus stopte ik met schilderen. Dat vond mijn vader wel jammer, want van de vier zonen ging dus niet een uiteindelijk het bedrijf in. Maar hij liet me ook wel mijn ding doen.’
Bathoorn ging weer naar school. ‘Ik begon met studeren voor monteur. Janna werkte bij de Rabobank. We waren heel modern voor die tijd, we spreken dan over rond 1968.’
Het stel kocht een huis in Roderwolde en liet er een hal achter bouwen. ‘Daar begon ik mijn bedrijf. Later verhuisden we naar Roden, waar we nu zitten, op de Dwazziewegen. We waren het tweede bedrijf dat zich hier in de straat vestigde. Hiernaast liepen de koeien nog. Als Janna naar buiten kwam, liepen ze allemaal naar het hek toe. Zij praatte altijd tegen ze. Op mij kwamen ze niet af.’
Echtgenote Janna werkte ook altijd in het bedrijf, zij deed de administratie. Dat maakt Schadenet Bathoorn een echt familiebedrijf.
Wat vindt Bathoorn zo mooi aan autoschades? ‘Een auto weer mooi maken. Dat hij weer strak en netjes is. Dat vind ik prachtig. Maar tegenwoordig moet je heel veel weten. Omdat auto’s steeds ingewikkelder worden. En dan komen er ook nog eens elektrische auto’s bij.’
Zoon Dick werkt al lang mee in het bedrijf. ‘We dachten eerst dat dat hem niet zou worden, hij ging bedrijfseconomie studeren. Maar op een dag zei hij dat hij toch in het bedrijf wilde. Hij stuurt aan. Hij is dus niet fysiek met schade bezig, maar hij doet de organisatie. Daar is hij goed in. We hebben momenteel zo’n 20 man personeel.’
Zoon Dick is ook nog een autoverhuurbedrijf begonnen in Groningen. ‘Midden in de Corona-tijd. Hij dacht dat dat wel iets kon worden. Het begon met een paar auto’s maar groeide in hele korte tijd uit tot een wagenpark van tussen de 70 en 80 auto’s. En die zijn bijna altijd verhuurd. En dan hebben we het over van personenauto’s tot verhuisbusjes.’
De auto’s van tegenwoordig hebben niet Bathoorns interesse meer. ‘Je moet soms een hele voorkant van de auto halen als je alleen maar een lamp wilt vervangen. Het was vroeger veel makkelijker om aan een auto te sleutelen. Je moet steeds meer weten en steeds meer doen. En dat voor steeds minder geld. Zo verandert alles. Ik vond het leven vroeger ook wat gemoedelijker. Je maakte makkelijker een praatje. En je zag aan de auto wie er voorbij reed. Nu zie je dat niet meer door dat getinte glas.’
Bathoorn verveelt zich niet. ‘Daar heb ik het veel te druk voor. We fietsen graag, al was het de vorige zomer vaak slecht weer. Ook hebben we onze caravan. En we gaan elk jaar een week naar Terschelling, dat is vaste prik.’
Hoe ziet hij de toekomst van de auto in het algemeen? ‘Ik denk dat dat elektrisch het niet gaat halen uiteindelijk. Volgens mij wordt het straks waterstof. Het stroomnet moet het ook maar aankunnen als iedereen elektrisch rijdt. En dat geldt ook voor huishoudens, ik denk echt dat waterstof de toekomst is.’