Noordenvelders; Jan Kemkers

Over bekende gezichten gesproken. Jan Kemkers. Oud-wethouder en bovenal: ras-Roner. Geboren op 150 meter van zijn huidige woning, naast de plek waar nu Ziengs staat. Jan heeft een groot sporthart, volgt de gemeentelijke politiek nog steeds op de voet en is bovenal een mooie prater. En misschien is dat wel het belangrijkst.

Het dikke wolkendek trekt snel voorbij. Het kan twee kanten op vandaag. Of het blijft droog met af en toe wat zon, of we krijgen te maken met enkele buien. Jan komt even later met twee koppen koffie zijn balkon opgelopen. Een overdekt balkon waar het goed toeven is. De oud-wethouder mag dan gepensioneerd zijn, ook Jan is blij dat het zomervakantie is. ‘Als het circus loopt, is er altijd iets te doen’, redeneert hij. ‘Nu is er tijd voor andere dingen.’ Eén van die ‘andere dingen’ is het bezoeken van zijn zoon en schoondochter en hun twee kinderen. ‘Ze wonen in Zuid-Hongarije. Over die reis doe ik drie dagen. Dat is nogal wat. Ik moet ook zeggen dat het me steeds meer moeite kost. Maar goed, nu heb ik de tijd. Dan maak je zo’n tripje.’

Zelf bleef Jan veel dichter bij huis. Een echte Noordenvelder. Geboren in Roden, met slechts een uitstapje van 1,5 jaar naar Nietap. ‘Een mooi dorp, Nietap. Daar kwam ik ook achter het verschil tussen het Westerkwartier en Noordenveld. Men doet in Nietap namelijk boodschappen in Leek. Groningers dus. Het verschil is dat Groningers wat stugger zijn. Dat is overigens geen diskwalificatie, maar het valt wel op. Als je bijvoorbeeld kijkt hoe makkelijk het is om in Roden iets van de grond te krijgen en je vergelijkt dat met Leek, dan gaat het hier eenvoudiger.’

Om een mening zit Jan niet verlegen. Steekt hij ook niet onder stoelen of banken. Hij is nog steeds nauw betrokken bij het Ondernemersfonds in Roden. En hierdoor ook nauw betrokken bij de ondernemers zelf. Hij heeft respect voor hen. ‘Te weinig mensen hebben door hoe moeilijk sommige kleine ondernemers het hebben. En toch gaan zij er vol energie in, proberen ze te investeren en kijken ze naar mogelijkheden. Daarom is het dossier van de centrumontwikkeling ook zo lastig. Voor een lokale ondernemer kan een parkeerplaats die tien meter verderop komt te liggen, funest zijn voor de zaak. Aan de andere kant snap ik de insteek van de gemeente ook, waardoor het heel nauw steekt.

Als wethouder (in totaal was Jan dat acht jaar en nam hij nog een halfjaar de honneurs waar voor Jacob Dam) schuwde Jan de ‘lastige dossiers’ niet. Neem nou het masterplan van Roden. ‘Dat deed ik samen met burgemeester Van der Laan. Het was een mooi dossier, maar ook heel lastig. Dat is de centrumontwikkeling ook. Tegenwoordig is er veel te doen om het woord ‘burgerparticipatie’. Het volk moet gehoord worden. Het probleem is echter dat je vaak maar één procent van de bevolking écht hoort. Ik ben juist benieuwd naar die andere 99 procent. Maar het is gewoon heel lastig mensen bij de gemeentelijke politiek te betrekken. Kijk naar het college: allemaal bereikbaar en in voor een praatje. Dat is altijd zo geweest. En toch lukt het niet om mensen mee te laten denken. Jammer, maar wel de realiteit.’

Zelf kwam Jan als jong broekie bij Gemeentebelangen terecht. ‘Ik moest flyeren voor mijn oom, ook Jan geheten, die als raadslid uit Nietap in de raad wilde komen. Dat ben ik maar gaan doen en zo rolde ik er zelf ook in. Ik zei altijd dat ik geen politiek bedrijf. Ik keek als wethouder altijd heel simpel naar dingen. Wat is er nodig in dit dorp? Nee, geen politiek dus. Al zei iemand ooit: ‘zeggen dat je geen politiek bedrijft, is ook politiek’. En dat is ook weer zo.’

Als Jan tijd heeft, bekommert hij zich liever om andere zaken. Hij voltrekt nog huwelijk namens de gemeente Noordenveld (‘prachtig werk, voor mij echt ontspanning’) en mag graag een boek lezen of een wandeling maken. ‘Drie keer per week ga ik nog naar de sportschool. Ben je toch weer mooi drie ochtenden aan kwijt.’ Verder is er het voetbal. Als oud-voorzitter van VV Roden (in totaal vijf jaar) komt hij nog steeds geregeld aan de Norgerweg. ‘Maar ik heb ook een seizoenkaart voor FC Groningen. En ik moet bekennen dat ik die spelers inmiddels beter ken dan die van VV Roden…’