Noordenvelders: Ronald Uilenberg

Deel 49

Hij moet nog een klein beetje bijkomen, als –ie het kantoor van de Krant binnenwandelt. De verjaardag van pa is –als altijd- laat geworden. Een traditie waar hij niet om heen kan. “Het hele huis vol. Vrouwen in een kringetje, mannen aan de andere kant van de kamer bij elkaar, je kent het wel. De hele revue passeert, vertelt ras-Roner Ronald Uilenberg. “Alles wat er in Roden gebeurt wordt besproken.” Zelf viert Uilenberg zijn verjaardag niet. Allang niet meer. “Ik heb er een streep door gezet vanaf mijn vijfentwintigste. Ik weet niet wat je viert als je ouder wordt.”

Wie Ronald kent weet het: Ronald is veel van alles. Druk, boordevol plannen en mooie ambities. En vooral een man met een groot hart. Gaat het over kinderen en jeugd, straalt hij. Al tientallen jaren zet hij zich in voor vermaak voor jeugd en kinderen in Roden. Zo is hij de aanjager van de Spelweek, maakt zich hard voor een eigen plek voor de jeugd, pleit voor zichtbaarheid van de jongerenwerker, praat mét hangjongeren in plaats van over hen. Sinds kort werkt hij voor Petje Af Noordenveld, het initiatief dat kinderen tussen 10 en 14 jaar op een inspirerende manier laat kennismaken met verschillende beroepen. En daarover vertelt hij graag. Die ruimte krijgt hij zeker, maar ook willen we weten wie Ronald Uilenberg is. En wat hem drijft.

“Als ze 35 jaar geleden het stempel ADHD hadden, kreeg ik die zeker. Mijn leraar stuurde me naar de Shell om voor hem een pakje sigaretten te halen als ik druk was. Of naar de Huro voor vullingen.” Ronald koestert warme herinneringen aan zijn jeugd. “Ik ben Rodenaar in hart en nieren. In mijn vrije tijd was ik altijd bij De Dobbe te vinden, het jeugd- en jongerencentrum destijds. Je kon altijd even binnenlopen voor een praatje. Hele groepen gingen er naar toe. Er stond een biljart, een tafeltennistafel, je kon je altijd vermaken. Jongerenwerker Henk Kämink (ik geloof dat je het zo schrijft) was er altijd. Hij was een belangrijk man voor de jeugd. Ik heb het al eens vaker gezegd: hier gaat de deur steeds verder dicht. Wat is er nu nog voor de jeugd? De Dobbe is niet meer. Wij hadden Looks, Motown, de Lanteern. Ook weg. Gelukkig is er ook positief nieuws. De nieuwe directeur van Welzijn in Noordenveld (WiN) Elisa en jongerenwerker Erik van der Heide pakken het weer op. Meer terug naar de straat, naar de scholen. Er wordt weer betrokkenheid gezocht. Een goede zaak. We hebben ze uitgenodigd bij de Spelweek. Daar hebben ze gehoor aan gegeven. Er is zelfs een nieuwe samenwerking ontstaan. Samen met WiN hebben we de allereerste Spooktocht georganiseerd. Ik hoop nu dat er een jongerenbestuur komt. Dat er jongeren zijn die opstaan en zelf iets willen organiseren.”

Even terug naar zijn verjaardag. Die viert hij niet. “Daar ben ik mee opgehouden na mijn vijfentwintigste. Wat zit je eigenlijk te vieren? Ben ik nou echt wel blij, nu ik weer een jaar ouder ben, dacht ik.  Als kind is dat anders, dan slaap je niet de avond voor je verjaardag. Dan verheug je je op cadeautjes. Bovendien: ik heb geen reden nodig om met vrienden een borrel te doen. Ik ben een sociaal dier. Aan de andere kant kan ik heel goed alleen zijn. Wat ik graag doe? Series kijken. Ik heb een Disney-account en een abonnement op Netflix. Dat geeft mijn hoofd rust. En dat is al lastig genoeg, haha.”

Voor Ronald Uilenberg was 2019 persoonlijk een bewogen jaar. “De oprichting van Petje Af, 40 jaar Spelweek en het afscheid van de Missverkiezing waarvoor ik verantwoordelijk was. Petje Af is nu mijn ding. Ik ben aangenomen als locatiemanager voor 20 uur per week. Onze vaste plek is de Tandem in Roden. We werken in themablokken van vier zondagen. Op de eerste zondag komt een gastdocent vertellen over zijn vakgebied, de tweede zondag gaan we op werkbezoek met de gastdocent, op de derde zondag geven de kinderen een presentatie over wat ze hebben geleerd en op de vierde zondag gaan we op stap! Dat uitstapje heeft te  maken met het thema. Een kijkje in de keuken bij een beroepsgroep. Kinderen weten: agenten vangen boeven, maar wat gebeurt er nu eigenlijk op het bureau? Dat kunnen ze dan ontdekken.”

Blije mensen om hem heen maken Ronald gelukkig. Met zeurpieten heeft hij niks. “Positieve mensen maken me blij. Net als goede muziek. Ik fluit graag mee, een goed begin van de dag vind ik. En mijn vrijwilligerswerk bij Theater de Winsinghhof maakt me ook gelukkig. Mensen komen daar voor hun plezier, om iets leuks te zien. Ik werk daar om dat ik Roden een theater gun. En straks staat Youp van ‘t Hek daar. Op de planken van een klein theater in Roden. Hoe mooi is dat?” Met Ronald klets je zo uren weg. Maar helaas heeft deze rubriek een beperkt aantal woorden. Nog één ding dan Ronald. “Ik was eens bij een congres in Den Haag waar Prinses Laurentien het voorwoord deed. Ze zei: ‘Mensen zeggen altijd: ‘kinderen zijn de toekomst’. Om te vervolgen met: ‘Maar ze zijn er nu ook al. Waarom zouden we niet wat vaker naar ze luisteren?’ Die woorden zal ik nooit vergeten. Kinderen kijken met hun eigen, frisse blik naar dingen. Volwassenen vaak met dikke paardenoogkleppen.”