Noordenvelders;Jan Slenema

Deel 18

Jan Slenema heeft het er maar druk mee. Komend weekend staat het Wielerweekend Roden weer op het programma en als ‘mister wielrennen’ van Roden is het niet verwonderlijk dat Jan wederom een flinke vinger in de pap heeft. Tussen het regelneven door vond Jan gelukkig tijd voor een kop koffie aan de Kanaalstraat.

De Kanaalstraat dus. Alwaar het kantoor van Slenema en Aalders Belastingadviseurs en Accountants staat. Eerder beter bekend als Sabanoord. Jan werkte er meer dan dertig jaar. Als accountant kent eigenlijk iedereen hem. Betrouwbaar, rustig, georganiseerd. Dat is Jan. Belangrijke kwaliteiten ook voor een organisator van wielerevenementen. Want ook dat doet Jan. Al heel lang. Als voorzitter van Wielervereniging Roden is hij altijd betrokken geweest bij vele evenementen. Nog steeds dus. En het wielerbloed blijft in de familie zitten. Neem kleinzoons Adne en Björn. Twee grote Noordenveldse wielertalenten. Binnenkort mogen we misschien nog een kleinzoon tot talent bombarderen. ‘In totaal heb ik vier kleinzoons’, zegt Jan zichtbaar trots. ‘En ze zitten allemaal boordevol energie.’

De geboren Norger woont sinds 1970 in Roden. In december 2018 verhuisde hij naar Foxwolde, alwaar hij een oude boerderij kocht. Nu staat er een nieuw huis. ‘Het is heerlijk. Mijn vrouw en ik zijn allebei opgegroeid op een boerderij. We gaan nu terug naar die tijd. Het is er fantastisch mooi. De natuur, de weidse blik. Ik vind het er heerlijk.’

Tijd om te genieten heeft Jan  wel. Hij werkt weliswaar nog twee dagen in de week, maar houdt ook genoeg tijd over voor zijn hobby’s. Fietsen doet hij nog steeds. ‘Om in conditie te blijven.’ Maar Jan is zeker een sterke renner. Zo won hij nog eens de districtskampioenschappen Noord, in de categorie die nu als de Masters zou worden bestempeld. Veel wielerwedstrijden kon hij echter niet fietsen. ‘Ik was in de avonduren met een studie bezig, waardoor ik veel wedstrijden aan mij voorbij moest laten gaan. Daar heb ik trouwens geen spijt van. Het is allemaal goed gekomen.’

 In 1985 bemoeide hij zich ook met de organisatorische kant van het wielrennen. Hij kwam bij WTC terecht, toen nog een omniumvereniging. Tien jaar later splitste die vereniging, waar Wielervereniging Roden uit voort kwam. Van die vereniging is hij inmiddels voorzitter.

Naast het wielrennen is schaatsen een grote passie. Tijdens het schaatsseizoen staat hij drie keer per week op het ijs. Voornamelijk kunstijs natuurlijk, want de laatste jaren wil het met het natuurijs niet zo vlotten. En dat doet hem dan weer pijn als voorzitter van de IJsvereniging Roden. ‘Tja, dit jaar waren het maar twee dagen. Dan moet je het kunstijs maar op.’ Vroeger schaatste Jan nog voor de Drentse selectie, alwaar hij met Piet Kleine in het team zat. ‘Dat zegt jou misschien niets, maar Kleine won toch mooi een medaille op de Olympische Spelen.’

Dat zijn kleinzoons talenten blijken, is volgens Jan te verklaren. Ook zoon Jacob is een goede fietser. ‘Wat je bezig houdt, dat draag je over aan je kinderen. Zo gaat dat nu eenmaal. Als zij dan dezelfde passie voor sport delen, is dat mooi om te zien.’ Sporten is voor Jan niet alleen een uitlaatklep gebleken, hij werd er naar eigen zeggen ook creatiever door. ‘Het is niet zozeer zo dat ik op de fiets ideeën op deed, maar het is meer dat je na tijd opeens allerlei nieuwe inzichten krijgt. Ik mocht ook graag voor het werk even een rondje fietsen. Dan start je je lichaam op, breng je het in beweging. Dat is heel goed voor het creatieve proces.’

Jan blijft zich de komende jaren bezighouden met de wielersport. Hij volgt zijn kleinzoons op de voet en blijft verbonden bij de Wielervereniging en het Wielerweekend. Ondanks dat hij er – zo’n dikke week voor het weekend – een beetje een punthoofd van krijgt. ‘Er moet nog veel gebeuren, daar sta je echt van te kijken. Alleen al het verplaatsen van de hekken. Dat is een heel logistiek gebeuren.’ Stiekem zal Jan blij zijn dat het weekend er straks weer op zit. Om er vervolgens een jaar later weer met frisse moed tegen aan te gaan. Want zo is Jan.