Norg is weer trots op Gomos, met dank aan trainer Wim Bakering

Norg is weer trots op Gomos, met dank aan trainer Wim Bakering
NORG – Gomos is kampioen. Gomos is terug in de tweede klasse. Aan de hand van trainer Wim Bakering was de jeugdige ploeg veel te sterk voor de rest. Ook voor Veendam, voor het seizoen gezien als de aanstaande kampioen. Veendam bleek echter slechts op papier sterk, en papier beweegt niet. De volgevreten en te weinig trainende vedettes legden het net als alle andere clubs af tegen Gomos, wel een hecht collectief. Een ploeg waar de rek nog lang niet uit is. Gomos staat weer op de kaart. Gomos is weer de trots van Norg. Uitstekend werk van vooral één man: trainer Wim Bakering.

Hij kan verschrikkelijk eigenwijs zijn. Hij is altijd correct. Afspraak is afspraak en hij weet wat hij wil. Goed is goed, slecht is slecht. Wim Bakering draait niet om de hete brij heen. Hij zegt gewoon hoe het is, zonder aanziens des persoons. Bakering kan met zogenaamd lastige jongens overweg, krijgt ze aan het voetballen en Wim weet hoe hij het wil hebben. Wim hecht aan het team en aan hard trainen. En: Wim is van de sfeer. Van het nazitten. Wim wil een ploeg die zowel binnen als buiten het veld een eenheid is.

En dat is gelukt.

Wim Bakering was ooit trainer van Peize, ‘eeuwen’ geleden. Daarna zat hij al vier jaar op de bok in Norg, toen nog ‘gewoon’ tweedeklasser. Twee jaar VKW bleek een niet heel groot succes. Na degradatie uit de eerste klasse, volgde niet meer dan een bijrolletje in de tweede klasse: plaats acht. Wim ging naar Roden. Met een jonge ploeg deed hij het aardig. Iedereen was blij met Wim, die probeerde de toen wat lakse houding van spelers en club te veranderen. Roden transformeerde onder zijn leiding van een vrijblijvend ploegje dat lekker wilde voetballen tot een hardwerkend team, iets waar Harry Zwiers nu nog de vruchten van plukt. Die cultuurverandering namelijk, werd onder Bakering ingezet. Hoewel iedereen in Roden tevreden was over het functioneren van de trainer, stopte hij. Hoewel hij off the record precies uit kon leggen waarom, deed hij dat naar buiten toe nooit. Ook dat is Wim, in every inch a gentleman. Ook in dat vertrek bij Roden zit alles wat Wim is. Eigenwijs: het moet zo en niet anders. Visie: als die niet aansluit bij de club, houdt het op én duidelijk: dan stop ik gewoon.

Bakering was altijd op een voetbalveld. Hij verwonderde zich over trainers, spelers en clubs. Waarom bepaalde trainers wel en anderen nooit de kans kregen bij de gerenommeerde clubs. Wim zocht in die tijd opzichtig een kruiwagen. Hij wilde hogerop, ook overtuigd inmiddels van zijn eigen kwaliteiten. Bij Achilles 1894 kreeg hij die kans. Hoewel? Achilles 1894 was toen al lang het Achilles 1894 van vroeger meer. Het geld was op – meer dan op zelfs- en wat restte waren wat eigen jongens en wat doorstromend talent. Op de Marsdijk kneedde Wim aan een nieuwe ploeg. Hij kon een ploeg bouwen die voldeed aan het profiel van Bakering. Dat lukte. In zijn eerste jaar werd hij derde, een seizoen later keerde Achilles 1894 terug naar de Hoofdklasse. Ook in Assen wilde men graag met Bakering verder, die eindelijk terechtkwam waar hij graag wilde werken: in de hoofdklasse. En toch stopte Wim.

Wim en zijn gezin gingen verhuizen, namen het huis van zijn oma over aan het Kerkpad in Norg. Op wellicht de mooiste plek van het dorp. De plek was mooi, de woning minder fraai. Zo ongeveer een halve eeuw was er binnen niets gebeurd en wat restte was het compleet strippen van de woning. Een tijdrovende klus. Dat in combinatie met baan en gezin noopte Wim tot het nemen van de beslissing: hij stopte als trainer. Nam een sabbatical. Geen hesjes en ballen meer, maar de kitspuit en de troffel. Ondertussen probeerde hij wel op de hoogte te blijven. Hij bezocht als de werkzaamheden dat toelieten wedstrijden op verschillende niveaus. Maar het huis had prioriteit.
Natuurlijk baalde Wim als een stekker. Kon hij op hoog niveau aan de slag, had hij geen tijd. Maar: hij stond voor zijn beslissing en zeurde daar nooit over. Dit was het meest verstandige. Bakering nam wel een risico. Toen hij kampioen werd bij Achilles 1894, was hij dé man. De kroonprins. Zou hij zo overal terecht kunnen. Omdat er meer trainers dan clubs zijn, is het nemen van een sabbatical best een risico. Uit het oog is uit het hart, zeker in de voetballerij.

Toen de boerderij zo goed als klaar was, tekende Wim bij Gomos. Dat was ondertussen al lang geen verrassing meer. Gomos was ook aan Wim Bakering toe. Zijn voorganger Ab Rutten blies weliswaar hoog van de toren, hij presteerde niets. Het eerste elftal had weliswaar een aantal aardige spelers, een eenheid was het nooit. Zelfs de hondstrouwe supportersschare keerde zich zo nu en dan en meer en meer tegen de eigen hoofdmacht en de trainer, die vooral opviel door het stelselmatig becommentariëren van arbiters. Een unicum overigens, want geen trouwere supporter dan een supporter van Gomos. Wim moest de boel dus weer op poten zetten, zoals hij dat ook bij Achilles 1894 gedaan had. Ondertussen wist hij dat er talentvolle jeugd was en liet hij – bewust- spelers vertrekken. Hoewel dat soms gezien de statuur van die spelers wenkbrauwen deed fronsen. Wim haalde Albert Flik bij de selectie, als assistent-trainer, zoals hij meer echte clubmensen bij het eerste team betrok. Verder deed hij waar hij goed in was: hard trainen. Een duidelijke speelwijze neerzetten en niet zeuren. In zijn eerste seizoen leverde het een fraaie derde plaats op. Belangrijker nog was dat de Norgers hun Gomos weer in de armen sloten. Dit seizoen werd promotie afgedwongen. Van de selectie wist iedereen waar hij aan toe was. De speelwijze stond, de verhoudingen waren duidelijk en er werd elke week kei- en keihard getraind.

Wim Bakering presteerde het om zogenaamde vedettes in teambelang te leren denken. Iedereen maakte zich ondergeschikt en iedereen stond elke wedstrijd geconcentreerd en fit aan de aftrap. De hand van Wim is steeds zichtbaar geweest. Dit is zijn titel, al zal hij zoals altijd zijn eigen rol bagatelliseren. Wim wijst liever naar de spelers en de club, dan dat hij zichzelf een veer geeft.
Bakering heeft alles om een toptrainer in het amateurvoetbal te worden, als hij dat al niet is. Hij laat zich niet afleiden, houdt vast aan zijn eigen visie en kan met iedereen opschieten én met iedereen omgaan. Vraag dat maar aan Thomas Careman. De voormalig jeugdspelers van FC Groningen moest bij die club weg: onhandelbaar. Ook daarna kon vrijwel niemand met de speler uit de voeten. Talent zat, maar niemand die wist hoe hem voor je te winnen. Wim wel, al was het slecht voor korte periode. Later maakte Careman zich hard voor Bakering als trainer van Oranje Nassau. Bijzonder, want doorgaans bemoeide de aanvaller zich nergens mee, laat staan dat hij iets hardop zei. Het zegt veel.

En nu? Het is voor Bakering te hopen dat de selectie blijft zoals ie nu is. Dat de grote clubs de talenten van Gomos nog even met rust laten. Je kunt het ook omdraaien: de selectie van Gomos is het aan trainer Bakering verplicht nog tenminste een seizoen te blijven. Worden ze nog beter, kunnen ze daarna naar een nog betere club. Dan kan Wim blijven bouwen aan de ploeg, die ook een klasse hogerop zeker mee kan doen. Laat dat maar aan Wim over.