‘Nu gaan we er definitief voor’

Veenhuizen en de Werelderfgoedlijst

VEENHUIZEN – ‘Nu gaan we er echt voor’. Het college van burgemeester en wethouders van Noordenveld stelt de gemeenteraad van Noordenveld voor om definitief in te stemmen met de nominatie van de Koloniën van Weldadigheid als het gaat om de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Over hoe en wat verder met de nominatie van Veenhuizen.

In 2000 is in de raad van Noordenveld voor het eerst gesproken over Veenhuizen in relatie tot de status van UNESCO Werelderfgoed. In 2005 is bij de opening van het Nationaal Gevangenismuseum Veenhuizen de ambitie om die status na te streven verwoord en vervolgens in onderzoek genomen. Na het besluit in 2011 van de minister van OCW tot het vaststellen van de lijst met nieuwe voordrachten van Nederland kon daadwerkelijk met de voorbereidingen van de nominatie worden begonnen. De nominatie van de Koloniën van Weldadigheid- waar Veenhuizen dus deel van uitmaakt- is de eerste nominatie die volledig in eigen beheer van regionale overheden heeft plaatsgevonden met veel kennis van de lokale situatie en steun van de Rijksoverheid. Alle eerdere voordrachten werden volledig door de Rijksoverheid zelf gedaan. Met grote inzet is een klein slagvaardig team binnen een scherp budget aan de voordracht van de Koloniën gewerkt.

De Ministerraad van Nederland zal – mede namens België- eind 2016 een beslissing nemen over de daadwerkelijke nominatie van de Koloniën van Weldadigheid. De standpuntbepaling van de lokale overheden wordt hierin meegenomen. Daarvoor vindt na de zomer een bestuurlijke consultatieronde plaats. Deze ronde is bedoeld om het lokaal draagvlak en steun aan de nominatie te duiden. Op dit moment wordt nog geschreven aan onderdelen van de Nederlandstalige versie van het dossier. Deze wordt in de zomer vertaald in het Engels. Daarna wordt het dossier opgemaakt met kaarten en afbeeldingen. In oktober zal het slotconcept gereed zijn. De definitief door de Ministerraad vastgestelde en ingediende versie van het complete dossier zal in het volgend voorjaar worden aangeboden. Na positieve besluitvorming van de Ministerraad zullen in januari 2017 de Nederlandse en Belgische ambassadeur het dossier aan de Werelderfgoedcommissie van UNESCO in Parijs aanbieden.

Onlangs is in België ingegaan op hetgeen op dit moment als bestaand beleid kan worden gecontinueerd, alsmede waarop in de komende jaren nieuw beleid kan worden geformeerd. Op dit moment krijgen zorgvuldige renovatie/herbestemming, Wabo-vergunningsplicht, beschermen bomen via bomenlijst, uitvoeren gemeentelijke welstandsbeleid en maatwerk agrarische bouwkavels een ruime voldoende. Wat betreft de Omgevingsvisie Noordenveld, Bestemmingsplan Veenhuizen, aandacht voor zorgvuldige vervreemding Rijksvastgoed, landschap versterken en toepassen preventief handhavingsbeleid zullen nadere maatregelen nodig zijn.
De provincie Drenthe zal in samenspraak met de provincie Antwerpen de algehele regie op zich nemen. Voorzien wordt in het instellen van een stuurgroep overeenkomstig het huidig organisatiemodel. Uitvoering van het beheer gebeurt zoveel mogelijk in de Koloniën, waarbij zij een mix van instrumenten inzetten en daarbij zoeken naar draagvlak bij en een actieve inzet van de stakeholders. Per kolonie of cluster van koloniën wordt één koloniemanager en of een coordinatiemechanisme ingericht wanneer er meerdere koloniën zijn geclusterd in een beheereenheid. In Noordenveld wordt op dit moment gewerkt met een projectmanager met een intern afstemmingsoverleg, met een klankbordgroep die bestaat uit lokale bestuurders van Veenhuizen Boeit, Bewonersbelangen, Natuurmonumenten Staatsbosbeheer, LTO Noordenveld en het Rijksvastgoedbedrijf.
Voor de centrale activiteiten van het beoogd Werelderfgoed worden de jaarlijkse kosten vanaf 2018 geraamd op minimaal 150.000 euro. Deze kosten zullen door alle partijen in de Stuurgroep samen worden gedekt. Het aandeel van de gemeente Noordenveld in deze kosten bedraagt 150.000 euro. Dit is overigens een zeer sobere aanpak die uitgaat van het verwerven van aanvullende incidentele middelen voor specifieke doelen. Er zal jaarlijks worden geëvalueerd en indien nodig en mogelijk worden bijgesteld. De siteholders (provincie Drenthe en Kempens Landschap) zullen personele inzet leveren in het programmabureau en voor incidentele activiteiten zullen incidentele middelen worden gezocht.

Decentraal zijn de kosten – afhankelijk van de complexiteit- geraamd op 15.000 euro per jaar. Alle partijen binnen de Stuurgroep zullen personele inzet leveren en voor incidentele activiteiten zullen incidentele middelen worden gezocht. Binnen de gemeente Noordenveld worden de kosten van de personele inzet gedekt uit de reguliere personeelskosten op de begroting. Bij de voorjaarsnota 2017 zal een voorstel worden voorbereid om met ingang van 2018 een structureel budget van 30.000 euro bij de afwegingen te betrekken

‘Werelderfgoed binnen de grenzen van de gemeente Noordenveld. De mondiale eer geeft een gevoel van trots; het doorgeven van het verhaal van de Koloniën van Weldadigheid aan toekomstige generaties. In de komende periode wordt niet alleen door de overheden doorgewerkt aan het dossier, maar bijvoorbeeld ook door het Nationaal Gevangenismuseum in samenwerking met Stichting Ommerschans, Stichting Maatschappij van Weldadigheid en het Kempens Landschap aan één geschiedenis, vijf verhalen. Daarnaast ontstaan langs organische weg vormen van samenwerking tussen bewoners en ondernemers van de zeven koloniën. In de zomer van 2018 wordt door de werelderfgoedcommissie van UNESCO een besluit genomen over de voordracht van Veenhuizen als onderdeel van de KvW aan te wijzen als UNESCO Werelderfgoed. Een memorabel moment dat niet alleen Veenhuizen trots zal maken, maar ook uitstraling zal hebben op de gehele gemeente’, zo laat het college van Noordenveld weten.