Omwonenden speelveld Zijpendaal klaar met overlast

‘Hangjeugd verpest het voor hondenbezitters’

RODEN – De maat is vol voor omwonenden van het grasveld aan de Zijpendaal in Roden. Al eerder waren er klachten met betrekking tot overlast, waren er gesprekken met overlastgevende jongeren en werd er aan de bel getrokken bij de gemeente Noordenveld. Een tijdje ging het goed, maar met het uitbreken van het coronavirus en de daarbij horende maatregelen, ging het weer snel de verkeerde kant op. Een picknickbank, bedoelt voor ouderen die hier veelvuldig hun hond uitlaten, moet het vaak ontzien. Wordt er geen verf over de bank gegooid, dan wordt  er wel op een andere manier rotzooi geschopt. Omwonenden zien het met lede ogen aan.

Donderdagochtend, half negen. Het is rustig in het ‘parkje’ aan de Zijpendaal. Het grasveld, pal aan de skatebaan waar zich vaak jongeren ophouden, is een favoriet plekje voor hondenbezitters. Voornamelijk de wat oudere buurtbewoner komt hier graag, bijvoorbeeld op de zondagmorgen. Dan komen hondenbezitters vaak tezamen voor een soort ‘koffie uurtje’. Maar het parkje is niet alleen geliefd onder ouderen en hondenbezitters. ’s Avonds vormt het parkje een hangplek voor de jeugd. Eén groep houdt zich standaard vast bij de skatebaan. ‘Daar hebben we weinig last van’, vertelt een omwonende die liever niet met haar naam in de krant wil. ‘Zij worden regelmatig bezocht door de jongerenwerkers van Welzijn in Noordenveld. Dat gaat over het algemeen prima. Maar al een tijd lang hebben we last van een andere groep, dat zich aan deze kant van het parkje bij het picknickbankje ophoudt.’

Op deze donderdagmorgen is goed te zien waarom omwonenden zo balen van deze groep. Er is verf over de bank gesmeerd, op de grond is het een puinhoop. Om de prullenbak heen liggen lege blikjes, wietzakjes en snoepverpakkingen. In de prullenbak is geen plaats. ‘Die wordt al vier weken niet geleegd’, zegt de omwonende. ‘De man van de gemeente die dat doet, is ziek. Niet alleen deze prullenbak is vol, ook alle bakken in de buurt zijn dat. Blijkbaar is er niemand die de taak van die ambtenaar kan waarnemen.’

Het is niet de eerste keer dat er gedoe is rondom het parkje.  Al eerder waren er gesprekken met de jongeren, de omwonenden en de gemeente. Het picknickbankje werd al eerder beklad. Bij wijze van charmeoffensief zou er een middag worden georganiseerd voor de buurtbewoners, zodat men met elkaar in gesprek zou komen. ‘Die middag werd eerst vanwege het weer afgelast en later vanwege corona’, zegt de buurtbewoonster. ‘Sinds de uitbraak van het coronavirus, komen er meer jongeren bij. Ze zitten hier bijna dagelijks. En er is dus een nieuwe groep bij gekomen, die voor veel overlast zorgt.’

De politie is daarvan op de hoogte, stelt de buurtbewoonster. ‘Zij hebben aangegeven vaker een kijkje te komen nemen. Dan rijden ze langs, duikt de jeugd een bosje in en komen ze er na een halve minuut weer uit. Dat helpt niks.’

Ook pogingen van jongerenwerkers om iets aan de overlast te doen, hielpen tot op heden niet. ‘De jongerenwerkers hebben contact met de jeugd die bij de skatebaan staat. Zij hebben die groep redelijk onder controle, maar dat geldt niet voor de groep die bijna dagelijks op het picknickbankje zitten.’

Volgens de buurtbewoonster is het bankje al meermaals onder de verf komen te zitten. ‘De volgende dag komt er iemand van de gemeente die het dan schoonmaakt. “Ik zal hier morgen wel weer staan”, zegt zo iemand dan. En het is inderdaad wachten tot het bankje weer beklad is.’

De jongeren zijn alleen ’s avonds bij het bankje. Voor buurtbewoners reden om dan niet het parkje in te gaan. ‘Dit speelt al wel twee jaar’, stelt de buurtbewoonster. ‘Maar de laatste tijd is het erger geworden. Het is om gek van te worden. De groep hondenbezitters  die op zondagochtend bij elkaar komt, heeft geen plek om te zitten, omdat het bankje altijd onder de troep zit. Deze groep verpest het eigenlijk voor de andere mensen die gebruik maken van het parkje.’

Er waren gesprekken met de gemeente om nog een bankje te laten plaatsen. ‘Maar dat gaat nu natuurlijk niet gebeuren. Als men zo met spullen van de gemeente omgaat, is dat uit den boze.’ Zelfs een hufterproeve picknickbank zou het volgens de buurtbewoonster vermoedelijk niet overleven. ‘We hadden ooit betonnen prullenbakken, die waren binnen een maand kapot.’

Een oplossing voor het probleem heeft ze zo één, twee, drie niet. ‘De politie en de gemeente zijn op de hoogte van wat hier gebeurt. Toch blijven we overlast houden. Dit kan zo niet doorgaan, want iedereen is hier de dupe van. Zowel de ouderen als de jongeren.’

Een andere buurtbewoner hoopt dat ouders zich meer bemoeien met waar hun kinderen mee bezig zijn. ‘Ze zitten hier dagelijks, tot in de nacht. Ouders weten toch waar hun kinderen zijn? Vragen zij ook waar ze mee bezig zijn? Als ik dit zou weten, zou ik het niet accepteren.’