ONR

    ONR vierde zaterdag haar verjaardag. De club bestaat vijftig jaar. Ik had niet zoveel met ONR, net zo als ik- import!- niet veel met VV Roden had. Het is maar net waar m’n zoon wilde voetballen. Omdat de vriendjes wel een historie met VV Roden hadden, of beter: hun vaders, werd het dus VV Roden. Het had echter evengoed Nieuw Roden of dus ONR kunnen zijn. En dus kwam je vervolgens alleen bij ONR als je zoon tegen een team van die club speelde én tijdens het afsluitende toernooi, waaraan ‘we’ in de Effies vaak deelnamen. Dat toernooi was altijd goed. Leuke ploegjes, zoon en vriendjes zagen een wedstrijd tegen een club uit Friesland als een soort van interland, en volop vertier. Ze speelden wedstrijdjes, namen penalty’s, er werd een groepsfoto gemaakt en er werd een toernooi gespeeld op het pannaveldje. ONR bleek een warme club. Ik kende voorzitter Harm ondertussen een beetje. Hij leek me meteen aardig en integer.
    Toen er ook nog eens een groot afdak voor de kantine werd gebouwd, was het plaatje compleet. Zo’n afdak, voor rokers onder meer, is meer dan wat schuin aflopende planken. Het zorgt voor contact. Ga er maar eens staan, dan doe je als niet-roker de neus maar even dicht. Binnen tien seconden heb je een gesprek met iemand waarmee je voorheen nooit een woord wisselde. Ondertussen bleven de toernooien strak geregeld en vond en vind ik ONR een leuke, gezellige club.
    Enige maanden geleden voetbalde ik op het hoofdveld tegen de G-voetballers van de club. Mooi stel kerels. Enorm gedreven, bikkelhard in de commentaren naar elkaar, verbale ruzies werden meteen bij de hoekvlag uitgevochten en Rien Hut bepaalde de tactiek en bleek een man met engelengeduld. Het eerste team of de G-voetballers; het maakt hem niets uit. ONR is straks de eerste club met een (half) kunstgrasveld, met speciale dank aan Jeanetta. ONR is Harmen Uffels, die ik meemaakte als reservedoelman bij O.N. Ik herinner me pa Uffels, fervent verzamelaar van postzegels. Hij woonde in Emmeloord, maar was er een beursje in Hoogkerk of Roden, dan liep ik hem gegarandeerd tegen het lijf. Bovenal is ONR voor mij de club van de caravan. Paar maanden geleden: ex-wethouder Alssema doneerde zijn receptiegeld aan de ‘stichting kunstgras’. We liepen naar de kantine voor koffie. Voor de kantinedeur, echt pal voor de deur, stond een caravan. Een kleintje. Waar die voor was, was mijn logische vraag. Wat bleek: de biljartclub maakt gebruik van de kantine van ONR. Biljarters roken. Dat kan buiten, maar wat als het regent? Dan rookt men dus in de caravan.
    Mooie club, ONR. Warm vooral. Zonder enige drempel en met de G-ers als boegbeelden. Nu de hoofdmacht nog. Want dat, vind ik nog steeds, kan allemaal
      wel ietsje beter…