“Onze wereld, deze wereld van Kinderwereld, heeft een hoge aaibaarheid”

Wonderlijke samengestelde familie weet Speelgoedmuseum Kinderwereld er bovenop te krijgen

RODEN – We schrijven 2014 als het allemaal niet rooskleurig uitziet voor Speelgoedmuseum Kinderwereld. Nog geen twee jaar is Daniëlle Lokin aangetreden als directeur en conservator als zij geconfronteerd wordt met een Masterplan wat de ijskast in kan, bezuinigingen en een museum wat juist stappen wil en móet maken. “Wat ik had verwacht, deed er niet meer toe. Het was zó en dan ga je door”. En dóór ging ze, samen met een club vrijwilligers. Deze volgens haar “wonderlijke samengestelde familie” wist de begroting weer sluitend te krijgen en wist de onzekere toekomst om te turnen in eentje van ‘we gaan het redden’.

Er klinken kinderstemmetjes in het museum. Binnen denderen voetstappen over de houten vloer en klinkt gezelligheid uit de Caleidoscoop en buiten staan de zo kenmerkende fietsjes. De draaimolen draait en vol enthousiasme en uit volle borst staat er een vrijwilliger mee te zingen met de muziek. Hier wordt plezier gemaakt en volop gespeeld, precies zoals Lokin het graag ziet. Het is misschien wel dé grote kracht van dit museum. “Kinderen komen even los van de ipad en het mobieltje, dat heeft hier ook even geen interesse. Ze gaan hier ouderwets spelen”, aldus Lokin. “Ze spelen met blokken, lego of Mens-erger-je-niet; ze worden uitgedaagd andere dingen te doen dan ze thuis doen. Fietsen op fietsen met hele grote wielen bijvoorbeeld of knutselen met kurken, knopen of bedenk het maar. Dit is een plek waar ze spelend leren en lerend spelen.” Lokin noemt Kinderwereld een plek met een hoge aaibaarheid. “Bijna iedereen heeft hier wel een herinnering aan. Onze wereld, deze wereld van Kinderwereld, is de maatschappij van toen in miniatuur. De kinderen van toen zijn de ouders van nu.”  Waarbij ze direct één van de grootste uitdagingen aansnijdt: “het is lastig en zorg aansluiting te houden met die generatie die nu kinderen heeft. Ze zijn druk en hebben ze nog wel tijd? Wij moeten het toch veel hebben van de grootouders die de moeders ontlasten.” Een andere uitdaging waarmee het museum nu geconfronteerd wordt is de vraag welk speelgoed de kinderen van nu aanspreekt. “Zijn games het speelgoed van nu?”, vraagt Lokin hardop. “Dat is heel erg lastig. We proberen er op een andere manier mee om te gaan, maar wel aansluiting te zoeken bij de onderwerpen die nu actueel zijn. Star Wars of Lego, Pokemon of honderd jaar Fiep Westendorp.”

Uitdaging zijn er legio, toch ziet de toekomst er een stuk rooskleuriger uit dan een drie jaar geleden. “Het was niet eenvoudig de jaarrekening destijds op te maken”, vertelt Lokin. “In 2010, 2012, 2013 en 2014 ging de subsidie van de gemeente elk jaar met 10.000 euro naar beneden. Je moet weten, we hebben maar een bescheiden begroting. In 2014 zou er weer een bezuinigingsronde volgen van 12.500 euro en dat was echt een brug te ver. Om ons te stimuleren en onze blik weer op de toekomst te richten hebben we destijds op het verzoek van de gemeente een masterplan geschreven. Een mooi concept waaruit ambitie sprak.” Tóch kwam dit plan er niet door. Lokin spreekt van een groot gebaar wat Kinderwereld wilde maken en een gemeente die het niet zag zitten te investeren in ‘kosten voor de baat’. Het plan ging de ijskast in, besloten werd te wachten op het moment dat er een Brinkvisie zou ontstaan. En aangezien deze destijds – en ook nu nog niet – voorhanden was, werden de bezuinigingen ook opgeschort. “En”, vertelt Lokin trots, “ook de jaren daarna hebben we deze 12.500 euro met verve kunnen verdedigen. Het is een mooie toezegging de bezuiniging te relateren aan een Brinkvisie. Je zou bijna kunnen zeggen dat deze visie dus niet meer in ons belang is, maar ik denk dat het ook goed is er over na te gaan denken hoe we ons hier tot elkaar verhouden en wat de toekomstplannen zijn. Ik hoop dat er op termijn een koepelorganisatie zal ontstaan die zich bezighoudt met het erfgoed van Roden, zodat we ook kunnen profiteren van elkaars expertise.” Dat deze er nog altijd niet is, wijt Lokin aan geschiedenissen en gegroeide situaties. “Het is moeilijk de koppen bij elkaar te krijgen en over elkaars schutting te kijken. Wíj hebben best ambitie als het gaat om de vraag hoe je de continuïteit en museale zorg borgt in dit dorp. Kijk eens naar Mensinghe: het is geen officieel museum en profiteert dus ook niet van zaken als een museaal keurmerk of een samenwerking met de museumjaarkaart. Daar zit wel onze expertise. Ik denk dat er nog heel veel kansen zijn. Ja, de toekomst heeft absoluut nog wel wat in petto”, vindt ze. “Sowieso voor Noordenveld. We hebben veel te bieden als plaats in het verlengde van de Onlanden en Nienoord, met het Scheepstra Kabinet en straks Veenhuizen als Werelderfgoed.”

Hier spreekt iemand met passie en ervaring die dan ook nooit iets anders heeft gedaan dan in het museumwezen actief zijn. Het begon allemaal met een tentoonstelling over slechts één stoel. “Maar toen ik eenmaal in die museumwereld was en helemaal zag wat er allemaal achter de schermen gebeurt waar de mensen vóór de schermen geen weet van hebben, was ik verkocht.” Alléén kan ze het zoals destijds met die stoel, niet meer redden nu. “Ik ben ontzettend trots op de medewerkers”, vertelt ze. “Het zijn zo goed als allemaal vrijwilligers die bereid zijn alles te doen. Het is een wonderlijke samengestelde familie en in iedere familie is wel eens wat, maar we horen wel bij elkaar. Ik heb grote bewondering voor hoe zij de lastige tijd die achter ons ligt, hebben doorstaan. Gelukkig hebben we de tering naar de nering weten te zetten en staat er nu een mooi museum wat ook nog eens alweer twee zomers profiteert van perfect museumweer. Met een vijfjarenplan zijn wij al niet meer bezig; we gaan het gewoon redden.”