Oud-vrijwilligers Jaarbeurs eensgezind

‘Saamhorigheid, een borrel en een stukje worst’

RODEN – Jarenlang waren ze vrijwilliger en verrichtten ze vele hand- en spandiensten bij de bouwploeg van de Jaarbeurs. Het was volop genieten van veel gezelligheid, daar zijn ze het allen over eens. Toch gaven de heren de pijp aan maarten. Johan Traa, Harrie Kruims en Joop van Liere blikken graag nog even terug op een stuk saamhorigheid, een borrel en een stukje worst.

Nadat Johan Traa stopte met werken werd hij door Barkhof, hij leidde destijds het team van vrijwilligers, gevraagd om aan te sluiten bij de bouwgroep. ‘Ik had wel wat uurtjes over en hanteerde in de beginperiode vooral de roller voor het sauswerk’ begint Traa. Maar hij sprong daarna overal bij, te beginnen met het leeghalen van de loods en het verslepen naar het jaarbeursterrein. Traa bleef na z’n werkzame leven graag actief en werd vrijwilliger in hart en nieren. Naast z’n werkzaamheden voor de bouwploeg zorgde hij samen met z’n vrouw voor de hapjes en drankjes bij Alzheimer Café, hielp hij in de kerk en sloot hij zich aan bij de Voedselbank. Hoewel de 80‘er nog fit is, zag hij zich genoodzaakt te stoppen met de bouwploeg. Voor dag en dauw opstaan en enkele weken hele dag op pad zit er niet meer in, nu hij mantelzorger is voor zijn echtgenote. Maar Traa genoot ervan, met volle teugen. ‘Want reken maar, als je daar één keer bent geweest, wil je daar niet meer weg.’ Het was volgens Traa vooral de gezelligheid en de grappen en grollen. ‘Hoewel ik niet eens altijd alles verstond, was het fijn om onder de mensen te zijn.’ Maar vooral wil hij de dankbaarheid en goede verzorging benadrukken. ‘Het met elkaar koffiedrinken en zowel om twaalf uur als om vijf uur een borreltje met een stukje droge worst, dat was grandioos.’ Traa zegt het te gaan missen, die gezelligheid en saamhorigheid tijdens het bouwen, maar ook bij de opening van de beurs. ‘Dan zaten we er ook met de hele club.’ Maar ook de dagen erna kwamen ze elkaar vaak tegen en werden de stoelen weer bij elkaar gezet. ‘De muntjes moesten natuurlijk wel op, hè?’ Z’n werk voor de Voedselbank zal hij nog even voortzetten. Verder vermaakt Traa zich goed met de e-reader, maar is hij ook buiten graag bezig. Hij heeft net weer een flinke voorraad houtpallets in stukken gehakt en nu wacht ook de appelboom op actie. ‘Het fruit ligt binnenkort ingemaakt in de vriezer’, aldus Traa.

Harrie Kruims treffen we aan, aan een tafel vol met technisch lego. Hij had er kisten vol van, maar gaf dit na verloop van tijd aan z’n kleinkinderen. Toch begon het weer te kriebelen en binnenkort is er weer een echte kraan in werking. Kruims werkte bij de technische dienst van de Suikerunie. ‘Dus ja, dat technische zit wel in mij.’ Toen hij 56 jaar was kon hij er met een regeling uit. Hij vertelt dat hij wel wat onderhanden wilde hebben en hij kwam via via terecht bij de groep vrijwilligers. Het leek hem gezellig en dat was volgens hem zéker waar. ‘We hadden een groepje van drie, waren serieus aan het werk met het opbouwen van de bars, maar we waren ook zeker niet vies van elkaar de gek aansteken.’ Maar ze genoten ook van de ‘oude’ Barkhof, de man die daar alles had opgezet. Deze verbinder kon iedereen er met de nodige gekheid van langs geven. ‘Maar ook kon je het nérgens beter krijgen dan bij de Jaarbeurs! Hoe ze daar met je omgaan, dat is grandioos’ zijn z’n woorden. Ook Kruims roemt de waardering, de borrel, de stukjes kaas en worst en de grote schalen met vis. Als hij bij de opening aan de speciale tafel voor vrijwilligers zat kon hij rondkijken en denken: ‘Dat hebben we met elkaar weer mooi gedaan.’ Na twee tia’s en een herseninfarct werd het er met Kruims niet beter op. Hij merkte dat het die laatste keer moeizaam ging. Als hij ’s avonds thuiskwam, was hij helemaal gesloopt. ‘Daar had ik vooral mijzelf mee. Het gebrek aan energie zorgde voor de enige optie, namelijk stoppen.’ Hij vindt het jammer en zal de sterke verhalen missen. ‘Maar vooral ook het gevoel van samen, het ons kent ons.’ Gelukkig geniet Kruims volop van de kleinkinderen, van de vogels in z’n volière en de koikarpers in de grote vijver achter huis. ‘En natuurlijk van het gepriegel aan technisch lego’, grijnst Kruims.

Joop van Liere vond zichzelf nog kras en jong toen hij zich als 60-jarige aansloot bij de groep vrijwilligers. Hij was vervroegd met pensioen en had thuis nog genoeg te doen, maar dat deerde Van der Meulen, die destijds de leiding over de vrijwilligers had, niet. ‘De tuin, maar vooral de paarden en het land, vroegen namelijk mijn volle aandacht.’ Van der Meulen haalde hem over met: ‘Ach, het is gezellig met al die kerels’ en zodoende rolde hij erin. ‘En gezellig wás het. Wat hadden we als kerels onder elkaar altijd veel plezier.’ Hij vertelt dat er onderling veel werd uitgewisseld, maar bijzonderheden daarover wil hij niet delen. ‘Wat er op het jaarbeursterrein gebeurde, bleef én blijft daar’, grinnikt Van Liere. Het was altijd een periode van extra vroeg opstaan. En vroeg uit bed gaan dat deed Van Liere in verband met de paarden altijd al. ‘Dus, dat werd nóg eerder uit de veren.’ Samen gingen ze onder andere aan de slag met het opbouwen van kassa’s, een podium voor de modeshow en een garderobe. Ook Van Liere is vol lof over de altijd weer op en top verwennerij. ‘Al dat lekkers zorgde ervoor dat hij thuis geen trek meer had’, fluistert z’n echtgenote. Van Liere, nu 85 jaar, maar nog altijd erg fit, vond het tijd om te stoppen. ‘Thuis klim ik niet meer op een ladder om de ramen te lappen, dus dan doe ik dat ook niet meer bij de Jaarbeurs.’ Van Liere, hij zat tot z’n 75’ste ook nog op de VOR-bus, hoeft zich thuis nog steeds niet te vervelen. Elke ochtend is hij in de weer om de mest uit het land te verwijderen en de paarden bij te voeren. En in de winter moet de stal zelfs elke ochtend en avond worden uitgemest. ‘Ik zal het wel gaan missen, niet meer even bijkletsen’, sluit Van Liere af. ‘Misschien kijk ik zo nu en dan nog even om het hoekje.’