Reint-Jan Auwema

Noordenvelders

Deel 16

In een fauteuil van Hotel Karsten ploft hij neer. Het is nog vroeg op de ochtend, maar Reint-Jan Auwema maakt een opgewekte indruk. De oud-wethouder en het boegbeeld van GOMOS, heeft zich het afgelopen jaar uit de naad gewerkt voor volleybalclub Lycurgus. De Groningers grepen nét naast het landskampioenschap, maar staan bekend als dé club van Nederland. Toch merkte Auwema dat het volleybal te weinig leeft. ‘Bij gewone competitiewedstrijden zitten er zo’n honderd à honderdtwintig man op de tribune. Pas wanneer het erom gaat, zitten er vierduizend man. We hebben teveel incidentenpubliek.’
Wie met Reint-Jan praat, kan maar beter enige affiniteit met sport hebben. Hij is een sportbeest, volgt bijna alles en vindt ook bijna alles interessant. En zo kan het dat een voetbalman pur sang zich een jaar lang inzet voor ’s lands bekendste volleybalclub. Hij werd de eerste commercieel manager van de club. ‘Ik werd gebeld door een bestuurslid, die mij op Twitter had gevonden’, schetst Reint-Jan. ‘Daarna ging het vrij snel. Ik weet nog dat ik op een ochtend werd aangenomen en ’s middags het persbericht de deur uit ging. Toen ik ’s avonds de cijfers kreeg toegestuurd, wist ik dat het een ander jaar zou worden dan ik me had voorgesteld. Financieel stond het er heel slecht voor.’En dus werd het ploeteren. Dat gold voor de gehele club. De gemeente Groningen schoot in maart van dit jaar zelfs nog te hulp toen bleek dat er een tekort van 150.000 euro was. Middels allerlei acties krabbelde de club weer op. Daarin speelde Reint-Jan een belangrijke rol. ‘Om het simpel te zeggen: mijn taak was om meer mensen naar de wedstrijden te krijgen en meer sponsors aan ons te verbinden.’ Een acquisiteur pur sang is hij weliswaar niet, maar met zijn netwerk in de sportwereld wist hij sponsoren aan de club te binden. Bij supporters was dat echter lastiger. ‘We vragen tien euro voor een kaartje en ik denk dat dat in de competitie gewoon teveel is. Tijdens de play-offs betaalt men het wel, maar daaromheen…. Daarbij vind ik dat je serieus moet kijken of je wedstrijden op zondag kan spelen in plaats van op zaterdag. Nevobo (volleybalbond, red.) heeft dat liever niet, maar op zaterdag spelen veel mensen van de club zelf ook, waardoor ze niet bij het eerste kunnen kijken. Zonde.’Zijn toekomst ligt in de sport, meent Reint-Jan. ‘Ik zal de komende tijd gaan zoeken naar een nieuwe baan. Ik vind sport nog steeds interessant, maar ook toerisme en recreatie interesseert mij. Ik ben niet iemand die acht uur per dag op kantoor wil zitten, dan word ik gek.’ De politiek lijkt Reint-Jan voorgoed achter zicht te hebben gelaten. ‘Als je wethouder bent, dan zit je in een soort bubbel. Achteraf denk ik: waar maak je je druk om? De buitenwacht interesseert het niet zoveel wat er op het gemeentehuis gebeurt. Ik had verkeer en vervoer in mijn portefeuille. Daarbij merk je dat sommige dorpsbelangenverenigingen nog enigszins geïnteresseerd zijn. Maar voor de rest.’ Toch was het wethouderschap een droombaan voor Reint-Jan. ‘Ik vond het superleuk, begrijp me goed. Vooral de band met het college en het bijdragen aan de gemeente vond ik mooi. Maar ik ben geen politiek dier.’
Toch blijft hij betrokken bij ontwikkelingen in zijn eigen dorp. Zo was hij degene die een aantal jaar geleden al riep dat de school wellicht verplaatst kon worden naar de Brinkhof. ‘Toen wilde niemand er iets van weten, maar nu is men enthousiast. Ach ja, dat is politiek.’ Verder is toerisme en recreatie volgens hem hét speerpunt in Norg. ‘Dat moet je blijven stimuleren. Er is zeker nog winst te behalen.’
Tot slot kan Reint-Jan het niet laten om over de MTB-routes in Noordenveld te beginnen. Het project wat hij ooit inzette, maar waar momenteel maar weinig schot in zit. ‘Het is doodzonde dat er nog geen MTB-routes liggen. We staren ons blind op het Mensingebos. Ze hadden misschien beter ergens anders kunnen beginnen met zo’n route, om te laten zien dat het kan. Het argument dat er te weinig draagvlak is, vind ik flauwekul. Die draagvlak is er. Al ben ik er overigens achter gekomen dat de beste beslissingen niet door de meerderheid worden genomen’, stelt hij. ‘Vaak wordt er niet verder gekeken dan de cyclus van vier jaar. Kijk maar naar de bouwplannen. Een postzegel hier, een postzegel daar. Het mag wel wat ambitieuzer. Ik zeg: pak Google Earth erbij en teken je ideale wereld. Spreek je ambitie uit, durf groot te denken. Dan maar wat weerstand. Uiteindelijk is dat het allemaal waard.’