Robbenprimeur voor De Krant redacteur

‘Ik moet m’n maat Piet bedanken’

NORG – Het is negen voor negen ’s avonds op een vrijdagavond, als De Krant redacteur Mathijs Renkema een tweet de wereld in helpt: ‘Arjen Robben volgend jaar terug bij FC Groningen. U hoorde het hier als eerst.’ Wat volgde was een storm aan reacties, soms positief, vaker negatief. ‘Aandachtzoeker’, ‘biertje teveel?’ en ‘ik hoop maar dat dit geen fake nieuws is Renkema’. Toen een dag later het grote nieuws rond de rentree van Robben waarheid bleek te zijn, ontplofte Twitter. ‘Toen ging het wel even snel, ja.’

Over de bron kan Renkema weinig zeggen. Wel dat hij zijn vriend Sven (‘Piet’ voor intimi) moet bedanken. ‘Hij maakte mij erop verdacht. Ik twijfelde eerst stevig, maar na enig denken en appen, leek het mij wel te kloppen. En Piet zag het ook wel zitten. Ik ben hem dan ook dankbaar.’

De tweet werd door sommigen direct opgepakt. Arjan van de Leur, communicatiespecialist uit Roden, deelde het bericht. Met hem volgden er meer. ‘Maar er waren ook een hele hoop mensen die het direct niet geloofden’, zegt Renkema. ‘Die twijfel is terecht. Ik zou ook sceptisch zijn als je zo’n bericht op vrijdagavond op Twitter voorbij ziet komen.’

Een lid van de supportersvereniging FC Groningen stelde dat Renkema ‘Of de primeur van z’n leven heeft, of nooit meer serieus kon worden genomen’. Stevige teksten, vond ook de redacteur. ‘Ja, het was wel even menens. Ik liep op een meubelboulevard in Wolvega, toen dergelijke berichten nog steeds volop binnenkwamen. Dan denk je: ik hoop maar dat het klopt, want honderd procent zeker kan je in zulke gevallen nooit zijn.’

Eenmaal thuis aangekomen, ging al snel de telefoon. Het was vijf uur, FC Groningen kondigde net de terugkeer van Arjen Robben aan. ‘Een mooi moment, daar was ik best even blij mee. Natuurlijk mooi dat je de primeur hebt, maar nóg veel mooier dat Robben terugkomt. We hebben het hier over een wereldster hè, niet over een typetje Dirk Kuyt. Prachtig dat hij weer terugkomt.’

De reacties ná dit nieuws waren legio. Excuses van sceptici, complimenten van collega’s: alles kwam voorbij. ‘Ik kreeg ’s avonds nog een hele bult appjes en ook de volgende dag waren er mensen die mijn een berichtje op Twitter stuurde. Mooi natuurlijk. Op maandag belde ik voor een artikel met Jan Westerhoff uit Leek, oud-voorzitter van de Supportersvereniging. Hij meldde mij dat hij vrijdag mijn tweet had gelezen en direct vermoedde dat ik te diep in het glaasje had gekeken. Daar kan ik wel om lachen, om zo’n reactie.’

En nu? ‘Nu niks. We gaan gewoon weer door met De Krant, volgende week dinsdag moet-ie er weer liggen. Vanavond nog een raadsvergadering en met een beetje pech loop ik zaterdag weer over de meubelboulevard. Het kan verkeren.’