Soms is één vogeltje in een kooi leuker dan tien in de lucht

Roden OG Vogelshow

Roden OG Vogelshow-2Roden OG Vogelshow-3Roden OG Vogelshow-4Roden OG Vogelshow-5Provinciale kampioenschappen van Drenthe in Roden

RODEN – ‘Deze vogeltjes’, zegt Oeds Bijlsma, ‘die worden in Frankrijk gegeten. Snap jij dat? Er zit niets aan, maar zie dit vogeltje nou eens zitten.’ Bijlsma is voorzitter van Vogelvereniging De Vogelvriend Roden en loopt pal na de officiële opening de ingezonden vogels bij langs. Bijlsma is terecht zo trots als een pauw. Vogelverenigingen mogen dan wel met uitsterven bedreigd worden, zijn vereniging droeg donderdag, vrijdag en zaterdag zorg voor perfect georganiseerde kampioenschappen in een prachtige geoutilleerde accommodatie. Professioneel, met oog voor het welzijn van de vogels. Kan en mag de vereniging best een beetje trots op zijn.

Wie geen jeugd heeft, heeft geen toekomst. Zo simpel is het. Het is bij vrijwel elke vogelvereniging hetzelfde liedje. De leden vergrijzen en de jeugd van tegenwoordig heeft geen belang bij het houden van vogeltjes. Ze hebben wel wat beter te doen, al weet niemand eigenlijk precies wat. Wat rest zijn de échte liefhebbers. Mensen die onnoemelijk veel energie in hun vogels steken. Neem Bijlsma zelf. Al een week voor de tentoonstelling oefent hij met zijn vogeltjes. Hij sproeit ze elke dag even nat. Laat ze wennen aan een kleiner kooitje, opdat ze er gedoucht en wel op hun Paasbest bij zitten tijdens de show. De liefde voor de vogel spat werkelijk van de bezitters af. En verbazingwekkend blijft de schoonheid van een vogel. Meestal zie je dat niet, op zo’n tentoonstelling dus wel. Kunstwerkjes, stuk voor stuk. Niet één vogel is gelijk. De kleurencombinaties zijn om van te smullen. Vogels kunnen fantastisch mooi zijn.

Voor dat iedereen de vogels mocht bewonderen, was er de officiële opening. Ook iets traditioneels, in één van de achterzalen van Onder de Linden. De zaal zit al vroeg vol. Ook wel logisch, want de prijswinnaars worden bekend gemaakt. Zoals bekend worden de vogels voor de tentoonstelling gekeurd. Het welkomstcomité mag er zijn. Freddy van der Velde (niet de voetballer) heet de gasten welkom. Voorzitter Bijlsma loopt in pak door de zaal en aan de bar entertaint Bé Siegers uit Peize de bezoekers. Bé zou je in dit kader een paradijsvogel kunnen noemen. Hij is in elk geval bijzonder. Bé heeft zelf vogels, maar stelt die nu niet tentoon. Wel was hij behulpzaam bij de opbouw van de tentoonstelling. Bé verleende hand- en spandiensten. Bovendien: valt het even stil, is er even wat onenigheid, Bé vertelt een mop, maakt een grap en iedereen lacht weer. En dus is Bé belangrijk bij de opening, die verder niet zo veel om het lijf heeft. Bijlsma opent en zegt al na anderhalve zin ‘dat hij verder eigenlijk niet weet wat hij nog zeggen moet’. Ook weer niet heel bijzonder: want in de zaal zitten louter vogelliefhebbers. Die weten van de hoed en de rand, van de snavel en de kooi. Meer noten op zang heeft Jantinus Mulder, districtsvoorzitter. Mulder is een man die er niet omheen draait. Worden openingen doorgaans opgeluisterd met zouteloze speeches met slechts complimenten, Mulder heeft wél wat te melden. ‘ Mensen. Aandacht. Ik heb de vogels net gezien en geconstateerd dat de kooien niet allemaal hagelwit van binnen zijn. Ik zag mest op de ringen en de buitenkant was lang niet altijd matzwart. Denk daar om. In het kader van het dierenwelzijn. Hou dat in de gaten.’
De al stille zaal valt nu compleet stil. Mulder maalt er niet om en reikt daarna de prijzen uit. Jammer is dat niet iedere winnaar al aanwezig is. ‘Oh ja’, haast Mulder zich nog te zeggen. ‘Ik wil geen gemekker over de uitslagen horen. Ben je het er niet mee eens, kom dan hier straks maar even langs.’ Ook over het feit dat bij lange na niet alle winnaars van de partij zijn, maakt Mulder zich niet druk. ‘Als er prijzen overblijven, zet ik ze zelf wel in de kast.’ Tenslotte: een inzender wint twee prijzen. Net als hij terug is gekeerd aan zijn tafel, wordt hij opnieuw naar voren geroepen. ‘Moet ik weer naar je toe?’ vraagt de winnaar. ‘Als je je prijs wilt hebben wel’, reageert Mulder fel, ongetwijfeld een voorzitter die de wind er goed onder heeft en bij wie duidelijkheid met de hoofdletter D wordt geschreven. Mulder windt nergens doekjes om. Zwart is zwart, grijs is er niet. Mooie man die Mulder. Van een uitstervend ras. Net als vogelverenigingen.

Nadat ook Mulder is uitgepraat, zet voorzitter Bijlsma vrijwilliger Willy nog even in het zonnetje. Zij krijgt een bos bloemen en het etiket ‘vrijwilliger van het jaar’. Pas daarna is de tentoonstelling geopend en kan iedereen zich vergapen aan de werkelijk schitterende vogels. Het was overigens maar de vraag of de kampioenschappen doorgang zouden vinden. Reden? In ons omringende landen kampt men op bepaalde plaatsen met de vogelgriep. ‘Het zijn er 250 minder dan twee jaar geleden’, zegt secretaris Van der Velde. In de laatste week trok het aantal inzenders nog wat aan, anders waren er nog minder geweest. Overigens is in de zaal niets te merken van een afname. De zaal oogt vol. En de balkjes/plankjes waaraan de tl-lampen hangen, zijn groen geverfd. ‘Zo willen we het allemaal steeds weer even mooier en beter maken’, zegt Bijlsma, die pal voor een kooitje met daarin één van zijn vogeltjes staat. Zijn vogel viel niet in de prijzen, de buurman wel. Op het kleine kooitje hangt een behoorlijk lintje. Voor de leek is het verschil tussen de linker- en rechtervogel overigens amper waarneembaar. Het lijken wel tweelingbroertjes. Twee druppels water.
Ondertussen wandelt ook Jantinus Mulder door de zaal. ‘2014 was een desastreus jaar voor de vogelsport’, zegt hij. ‘Er was vogelgriep. Gelukkig blijven we daar nu redelijk van gevrijwaard. We zijn alle vogelliefhebbers hard nodig om de politici het hoofd te bieden met al die nieuwe wetgeving op vogelgebied. De Dierenbescherming en Dierenwelzijn; daar krijgen wij als vogelliefhebbers allemaal mee te maken. De Nederlandse Bond heeft deskundige personen die tegengas geven aan de politici. Dit heeft geleid dat in elk geval de rode lijst is uitgesteld en op verschillende punten zal worden herzien.’ Behalve de Roder paardenmarkt lijkt de dierenbescherming zich dus ook al te keren tegen de kampioenschappen in Roden. Heel jammer, want vogelverenigingen hebben het al moeilijk genoeg. Dat blijkt ook wel uit het feit dat de twee Nederlandse bonden – de NBVV en de ANBVV- verregaande samenwerking zijn aangegaan. Alleen zo kan het hoofd boven water gehouden worden.
Conclusie? De kampioenschappen in Roden zijn prachtig. Jeugd is er niet, ooit is het dus gedaan met de vogelverenigingen. Wrang en bijzonder jammer. Oh ja. Volgens velen stond de meest vreemde vogel in de zaal waar de opening plaatsvond. Het vogeltje luisterde naar de voornaam Piet. Achternaam: De Boer. Hij bleek niet in een kooitje te passen.