Stik…stof

Het is alweer enige jaren geleden dat ik in militaire dienst zat. Elke vrijdagmiddag kregen we vóór ons weekendverlof kamerinspectie. Hadden we die week ons best gedaan, dan was de inspectie geen probleem. Hadden we, volgens onze luitenant, ons best niet gedaan dan was het mis. Dan klom hij desnoods op een ladder om met een witte handschoen langs de rand van het plafond te vegen. En ja hoor….. zwarte vinger en dachten we in onszelf: stik…stof. Alle kamergenoten hadden er flink de smoor in. Er volgde een herinspectie en we vertrokken minstens een uur later door de poort naar huis.

Enkele decennia later zit ik weer in de stikstof. Nu niet als kamer-, als maar landelijk probleem. Een heel andere soort stikstof. Wel een van een groter kaliber om maar in diensttaal te spreken. Je kunt geen krant open slaan of radio luisteren zonder dat het stikstofprobleem aan de orde komt. Het houdt de gemoederen flink bezig. Ik heb de afgelopen weken al veel zin en onzin voorbij horen komen. Boze boeren, boze bouwvakkers, boze natuurbeschermers. Wat is het en waar komt dat stikstofprobleem ineens vandaan?

Stikstof is een onzichtbaar gas dat van nature in de lucht zit. Ook in de lucht die we inademen. Dat maakt het voor veel mensen ook zo lastig om te begrijpen. Planten en dieren hebben stikstof nodig om te leven. In de natuur wordt stikstof aangemaakt in kleine hoeveelheden. Maar…. als er teveel van komt wordt stikstof schadelijk en verrijkt het de bodem. En dat is wat er nu aan de hand is.

Het gevolg is dat de ‘overdosis’ stikstof die in de natuur terecht komt werkt als een vorm van bemesting. Bepaalde planten gaan hier sneller door groeien en verdringen minder snel groeiende soorten. Dat gebeurt vooral bij planten die groeien op voedselarme (zand)gronden en die hebben we nog in het Noorden van Nederland. Orchideeën, heideplanten en korstmossen bijvoorbeeld krijgen het steeds moeilijker maar ook insecten (waaronder vlinders) die op deze planten leven. Dat heeft weer gevolgen voor dieren die van deze insecten leven, zoals de Levendbarende hagedis. Zo werkt het stikstofprobleem door in het gehele ecosysteem en kringloop. Het gaat ten koste van de biodiversiteit. Voorbeelden van snelle groeiers zijn bramen, brandnetels, sommige grassoorten maar ook algen in het water. De natuur in Nederland gaat er dus op achteruit en die natuur is van ons allemaal. Gezonde natuur hebben we nodig om te recreëren en van te genieten.

Het stikstofprobleem is er overigens niet ineens. Het wordt al vele jaren lang door natuurorganisaties gezien en geroepen. De politiek zag het ook en heeft daarom jaren geleden al verschillende maatregelen getroffen. Economische groei won het echter vaak ten koste van de natuur. De Raad van State heeft nu gezegd dat deze getroffen maatregelen niet goed of onvoldoende functioneren. De hoeveelheid stikstof neemt toe, vooral in ons dichtbevolkte land. Er moeten eerst nieuwe maatregelen komen die de uitstoot van stikstof in de lucht terugbrengen. En dan worden mensen ineens wakker en is het stikstofprobleem ineens wél wereldnieuws.

Ik denk weer terug aan mijn diensttijd. Het huidige stikstofprobleem is echter niet zomaar opgelost. Voorlopig zullen nog wel een aantal landgenoten boos worden om de (nieuwe) maatregelen. Maar als we samen zorgen voor een ‘schone kamer’ kunnen we straks weer tevreden naar huis.