‘Taal is een grote barrière om voor te lezen, op deze manier lukt dat wel’

Voorleesboeken voor anderstalige kinderen en ouders
LEEK – Onlangs kreeg ITOM taal een serie boeken uitgereikt van de Stichting Quadraten. ITOM-taal is een stichting die taallessen verzorgt voor nieuwkomers in Nederland. De boeken zijn in diverse talen geschreven, zodat ouders samen met hun kinderen kunnen lezen, en vooral voorlezen.

Nynke Tacoma van Stichting Quadraten legt uit: ‘Onze stichting bestaat sinds 2018. Zelf werk ik bij Quadraten als medewerker PR en communicatie en ben ik onder andere verantwoordelijk voor het samenstellen van de kerstpakketten. Wij zijn een overkoepelende organisatie voor scholen in het basisonderwijs. In de gemeentes Westerkwartier en Noordenveld hebben we 33 scholen, wat ons de grootste scholenstichting maakt. Zowel openbare, als christelijke, als samenlevings- en samenwerkingsscholen vallen onder ons bestuur. We werken ook aan de ontwikkeling van integrale kindcentra. In de Wilp hebben we nu IKC De Steltloper; onderwijs en opvang in één. En op andere plaatsen werken onderwijs en opvang steeds nauwer samen.’

Waar komt het idee de boeken voor ITOM-taal vandaan? ‘We geven elk jaar zo’n 900 kerstpakketten weg. En we willen ook iets terug doen voor onze lokale omgeving. Daarom steunen we ook altijd een goed doel. Dat waren al eens de Voedselbank, Stichting de Zijlen en ouderen in de verzorgingshuizen in de gemeente Westerkwartier. Door een goed doel te steunen, krijgen we ook fijne contacten met andere stichtingen. Zo hebben we bijvoorbeeld door onze actie de Zijlen beter leren kennen, waardoor we nu de geboortestoeltjes daar bestellen. Op deze manier besta je niet meer als los zand naast elkaar, maar kun je fijn samenwerken.’

‘Dit jaar hebben we overlegd met Margreet Ruuls van ITOM-taal om te vragen wat ze nodig had. Dat waren dus boeken. Boeken zijn zo essentieel om taal te leren. Bovendien komen de mensen die taalles volgen uit een ander land, wat een gevoel van onveiligheid kan geven. Als je dan aan je kind in je eigen taal voor kunt lezen, kan dat vertrouwd voelen. Daarnaast versterken lezen en voorlezen de identiteit van een kind. Dus we vonden dit echt een heel mooi goed doel. En het sluit ook nog eens mooi bij ons aan, er zitten ook kinderen van ouders die les hebben bij ITOM-taal bij ons op school.’

Taal is een barrière

Aan wat voor boeken moeten we dan denken? ‘Prentenboeken, maar ook een serie Nik-Nak-boekjes. Dat zijn tweetalige boekjes, waarin hetzelfde verhaal in beide talen is te lezen. Soms lezen de kinderen al beter dan de ouders, waardoor het mes aan twee kanten snijdt. Op deze manier leren de ouders de taal ook iets beter.’ Liggen die boeken gewoon in de winkel dan? ‘Nou nee, dat was nog een hele zoektocht. We hadden boeken nodig met verschillende talen, zoals Arabisch en Tigrinya. En als je bedenkt dat er meerdere vormen van het Arabisch zijn, dan snap je dat het wel even zoeken was. Nog niet alle boeken zijn er, maar dat komt omdat er boeken in Engeland gekocht moesten worden. En dat duurt wel even voor die hier zijn, Maar die komen natuurlijk nog.’ Margreet Ruuls is locatiemanager van ITOM-taal. Ze is blij met de boeken. ‘We willen ze als een soort bibliotheek uit gaan lenen. Voorlezen is vaak lastig, omdat de taal een grote barrière is en op deze manier lukt dat wel.’ Wat voor mensen komen er op les bij ITOM-taal? ‘Statushouders, maar ook gezinsvormers. We geven cursussen in alfabetisering, inburgering, oriëntatie op de Nederlandse arbeidsmarkt en taal op de werkvloer.’

Hoe is ITOM-taal ontstaan? ‘Vanuit idealisme. We zijn dan ook nog steeds een stichting en hebben geen winstoogmerk. In 1995 begon de oprichter van de stichting, Sytske Degenhart, taalles te geven. Dat groeide uiteindelijk uit naar ITOM-taal. We hebben nu 7 vestigingen.
We zullen het idee van thuis voorlezen soms nog wel even moeten uitleggen; sommige mensen hebben vanuit hun cultuur meegekregen dat leren iets voor school is, en dat je dat thuis niet doet.’ Uit elke landen komen de mensen die taalles krijgen? ‘Momenteel vooral uit Syrië, Eritrea en nu ook steeds meer mensen uit Jemen. Sommige mensen zijn analfabeet. Daar is natuurlijk een speciaal programma voor. We geven les in hele kleine groepen, zodat mensen niet ondersneeuwen. Soms zelfs individueel, als dat nodig is. We bieden onderwijs op maat, de cursist bepaalt het tempo. Dat wil overigens niet zeggen dat mensen ook lekker niks kunnen doen. Ze bepalen het tempo, maar worden zeker ook aan het werk gezet.’