Tony Simon prikkelt creativiteit

“Iedereen kan tekenen, ook als ze denken dat ze niet kunnen tekenen.”

MARUM – Zeven tafels staan in een cirkel in het midden van Tony Simon’ atelier achter zijn huis in Marum. Verspreid over het atelier hangen en staan doeken, sommige zijn af, anderen nog niet. “Schilderen en tekenen is communicatie,” vertelt Simon, “met je kwast of potlood vertel je een verhaal dat in je hoofd zit, en dat vertaal je naar je doek of papier. Schilder of tekenaar  is het oudste beroep ter wereld, daar lachen mensen vaak om, maar het is wel zo. De tekenaar communiceerde door middel van zijn rotstekeningen met de goden.”

“Veel artiesten, en meestal zijn het voornamelijk de jongere mensen, hebben als doel met hun kunst om beroemd en bekend te worden,” vertelt Simon terwijl hij gaat zitten achter één van de zeven tafels.  “En dat is een frustrerend bestaan, want dat is een strijd die ontzettend lang duurt. En uiteindelijk komt het er op aan dat je een goede manager hebt, want anders spendeer je de helft van je tijd om je doeken te promoten, en dan kom je niet meer aan werken toe. Op een gegeven moment als je de veertig, vijftig, of zestig bent gepasseerd, dan kom je er wel achter dat dát niet je doel moet zijn in het leven.”

Bekend worden probeert hij niet, die drang heeft hij nooit gehad. Wel geeft hij wekelijkse workshops, en af en toe een lezing. De nu 72-jarige Simon vertelt vol vuur over zijn cursisten die naar zijn atelier komen. In de hoek staan een paar ezels, tientallen kwasten en potten verf staan her en der over het atelier verspreid, te wachten om op een gegeven moment weer opgepakt en gebruikt te worden.

“Eigenlijk is het gek, want als kind wordt je gestimuleerd om creatief te zijn, om te tekenen en te schilderen. Maar zodra je naar groep drie gaat, dan verdwijnt dat volledig. Dat gaat het om schrijven en rekenen. Creativiteit is in feite het allerbelangrijkste in het leven, want creativiteit is niet alleen een lijntje op papier: het is een kwestie van overleven. Creativiteit helpt je problemen op te lossen.”

Door het atelier hangt wat kerstverlichting ter sfeer, en het licht komt mooi door de dakramen heen.

“Je vertaalt op een doek een sfeer, een gedachte. Als je een portret tekent, dan teken je niet alleen een gezicht, maar ook de karaktertrekken die je ziet.  Of als je een landschap tekent, dan is dat niet een objectief landschap, je tekent het zoals jij het ziet en voelt. Als het mooi weer is, of als de trein achter je lang dendert, dat speelt allemaal mee. Het is dus meer dan een paar streken op papier.” De zwarte kat die in het atelier rondloopt komt naar Simons toe en vraagt zijn aandacht. “De Nederlandse schildercultuur is net wat anders dan die van de landen om ons heen. Het is eigenlijk een directe vertaling van het calvinisme, waar hard werk een deugd is. Als je kijkt naar wat de Nederlandse schilders maakten, dan was dat voornamelijk portretten, vaak in opdracht van rijke mensen. In de landen om ons heen was veel meer ruimte voor bijvoorbeeld het maken andere taferelen als bijvoorbeeld landschappen, je vertelt daar veel meer mee.”

In het hart van het atelier staat een tafel met allerlei voorwerpen: een cactus, een strijkijzer, een pak volle melk van jaren geleden. “Dat pak melk, dat is het startpunt, daar moet iedere cursist mee beginnen. Als je dat kunt tekenen, dan kun je in feite alles tekenen. Alle vormen en lijnen die daar in staan, komen uiteindelijk weer terug in elk ander voorwerp of object dat je probeert te tekenen of schilderen.”

Simon ziet zijn atelier, meer dan wat dan ook, als een bron voor inspiratie. “Als je lesgeeft, en je kunt de creativiteit van mensen prikkelen, dan zijn ze tot zo veel meer in staat dan ze denken. Ik kijk in feite naar het individuele talent van een leerling, en ga daar dan mee werken.”