Topdrukte verwacht tijdens gripprikcampagne

‘Men is banger om ziek te worden’

RODEN – Terwijl het coronavirus in Nederland om zich heen blijft grijpen, staat de jaarlijkse griepprikcampagne alweer voor de deur. De verwachting is dat meer mensen dan gebruikelijk gehoor zullen geven aan de oproep zich te laten ‘prikken’. Huisarts Marijke Olthof verwacht dat dit aantal zeker tien tot twintig procent hoger zal liggen ten opzichte van voorgaande jaren. ‘Om alles gestroomlijnd te laten verlopen, vragen wij de mensen om goed hun uitnodiging te lezen.’

Doorgaans is de griepcampagne lopende band werk voor huisartsen. Dit jaar zal dat toch enigszins anders zijn. Niet dat de huisartsen minder prikken zullen zetten, integendeel. Er worden juist meer mensen dan andere jaren verwacht. ‘Maar we nemen daar ruimer de tijd voor’, vertelt Olthof. De in Roden gevestigde huisarts zegt dat de huisartsengroep Roden (Hagro) het prikken in tijdsblokken verdeeld. ‘We nemen drie keer zoveel tijd voor één prik. Daarnaast bewaren we afstand en benaderen we de patiënten van achteren. Allemaal maatregelen die andere jaren niet aan de orde waren.’

De huisartsen verwachten een veelvoud aan patiënten die zich laten inenten tegen de griep dit jaar. ‘Men is banger geworden om ziektes te krijgen’, stelt Olthof. ‘Daardoor is de verwachting dat er meer mensen naar de praktijk zullen komen. Er wordt dit jaar ook gevaccineerd voor de pneumokokkenbacterie. Dit is een bacterie waar men een longontsteking, bloedvergiftiging of hersenvliesontsteking aan over kan houden. Het vaccineren daarvoor zorgt weer voor extra drukte.’

De laatste tijd regent het vragen in de praktijk van Olthof. ‘We krijgen steeds meer telefoontjes met vragen over het coronavirus. Moet ik wel naar mijn werk? Moet ik mij laten testen? Allemaal vragen die spelen bij de mensen. Het aantal telefoontjes dat wij dagelijks binnenkrijgen, is nog te behappen. Maar we zitten in Nederland natuurlijk met een gebrek aan testcapaciteit. Dat maakt dat je soms schrijnende situaties krijgt. Mensen die dagen moeten wachten tot ze weten of ze besmet zijn of niet.’

Wie een test aanvraagt, kan doorgaans pas na een paar dagen geholpen worden. ‘Dat is een kwalijke zaak’, zegt Olthof. ‘In Roden hebben we het gelukkig zo geregeld dat huisartsen zelf over enkele tests beschikken. Dat maakt dat we, mocht de nood aan de man zijn, heel snel kunnen testen. Maar die tests bewaken we voor urgente gevallen. Denk aan verzorgingstehuizen. Daar wil je snel weten wat er aan de hand is, al kan ik mij goed voorstellen dat iedereen dat snel wil weten.’

De verwachting is dat in het najaar de vraag naar coronatests alleen maar zal toenemen. ‘Daarom is het van belang om de capaciteit snel op orde te krijgen.’

Inmiddels zijn de uitnodigingen voor de griepprik grotendeels verstuurd naar de mensen die hiervoor in aanmerking komen. ‘Er zullen ook zeker mensen zijn die geen uitnodiging hebben gekregen, maar toch een prik willen laten zetten. Zij kunnen zich laten prikken, maar dan zijn de kosten wel voor eigen rekening. Daar moet men rekening mee houden.’

Omdat het zetten van de griepprik dit jaar zo anders in zijn werk gaat, roept de Hagro op om vooral goed de uitnodiging te lezen. ‘Men krijgt een hele instructie’, zegt Olthof. ‘Uiteraard vragen we mensen met klachten om thuis te blijven. Zij kunnen op een later moment alsnog een prik krijgen.’

Inmiddels heeft huisarts Van den Berg in Roden al een test gedaan met de nieuwe manier van griepprikken. ‘Dat is goed verlopen’, weet Olthof. ‘Dus dat geeft vertrouwen voor de komende periode.’

Minder infecties

Dat er niet alleen negatieve kanten aan de coronacrisis zitten, bewijst het terugloop in het aantal infecties. Volgens Olthof is dat te wijten aan het feit dat er meer afstand wordt gehouden en het handen schudden nagenoeg voorbij is. ‘Er groeit een stukje bewustwording bij de mensen’, zegt zij. ‘Hierdoor steekt men elkaar minder aan.’

Ook de toename in het aantal mensen dat zich laat inenten, noemt Olthof positief. ‘De laatste jaren zagen we een zorgelijke trend van mensen die zich steeds minder lieten inenten. De nut en noodzaak hiervan is voor velen steeds meer duidelijk, waardoor ook dit weer toeneemt.’