Van dik hout…

column-cees-vandikhout

…zaagt men planken. Daar is geen speld tussen te krijgen, oftewel, het is een waarheid als een koe. Van een lullig boompje zaagt men nu eenmaal geen planken en trouwens, niet alle (grote) bomen leveren goede planken. Je moet het daarom niet letterlijk opvatten. ’Van dik hout zaagt men planken’ wordt altijd in figuurlijke zin gebruikt. Net als de twee eerder genoemde is het een spreekwoord.

In eerste instantie (vroeger) werd er mee aangegeven dat rijke mensen het leuk vinden om te laten zien dat ze rijk zijn door vrij achteloos veel geld uit te geven: ”Ze doen alsof het allemaal geen geld kost”. Toen werd er ook mee bedoeld dat iemand een flink pak slaag krijgt, iets dat nog steeds opgaat. En tegenwoordig vooral ook wel in de zin van: ’De commentaren op Twitter waren weer van dik hout zaagt men planken’. Via dit medium gaat men vaak flink tekeer zonder al te veel na te denken over de eventuele gevolgen of zonder zich in te leven in een ander. Het gebeurt trouwens soms ook wel per email -ik spreek uit ervaring- dat een bericht verkeerd wordt opgevat. Wanneer je iemand niet echt goed kent en iemands gezicht niet ziet, weet je niet hoe een bericht overkomt. Soms blijkt later dat je onbedoeld behoorlijk op de tenen van een ander bent gaan staan.

Ik moest aan het spreekwoord denken toen ik vrij recent over de Hullenweg (Roden) reed en op het eind van de weg, bij de Esweg, ontdekte dat de gemeente Noordenveld daar tamelijk rigoureus aan het kappen was geweest (foto). Over een lang stuk was alles zelfs weggevaagd, terwijl het zo hoort te zijn dat er op geregelde afstanden bomen (staanders) overeind blijven staan. Hier gold de gangbare uitleg van het spreekwoord dat er weliswaar hard was gewerkt, maar bepaald niet netjes en secuur. Daarom maar eens gebeld met de gemeente voor uitleg. Toevallig had men daar ook net ontdekt dat het in het veld behoorlijk was misgegaan en daarom was het werk ter plekke onmiddellijk stilgelegd. Later is men weer aan de slag gegaan nadat er duidelijke afspraken waren gemaakt over hoe het werk uitgevoerd moest worden. Maar hoe is het toch mogelijk dat zoiets toch gebeurt was mijn vraag. Men was ’gewoon’ iets te enthousiast te werk gegaan was het antwoord.

Een enkeling op het gemeentehuis weet best wel hoe dit werk het beste kan geschieden, namelijk gefaseerd en daardoor met respect voor de natuur. Nu waren er grote bomen verdwenen met het argument dat het toch maar populieren waren. Maar met alles wat je aan bomen en planten weghaalt, haal je tevens alles wat het herbergt weg, bijvoorbeeld eitjes, poppen en rupsen van (nacht)vlinders. Een Ratelpopulier is de waardplant van tientallen nachtvlinders met soms aansprekende namen als de Perentak, Espenblad, Papegaaitje, Kroonvogeltje, Roesje en Plakker. Ook de fraaie dagvlinder de Grote weerschijnvlinder kent de populier als waardplant. En dan heb je nog tal van andere waardplanten, alle met vaak specifieke soorten die je kwijtraakt wanneer je ze zonder beleid weghaalt. Nou heb ik hier alleen vlinders genoemd, maar er zijn natuurlijk heel veel andere soorten insecten die verloren gaan. Daarmee ben je tevens een voedselbron voor vogels kwijt en dan heb ik het nog niet eens over het verlies aan broedgelegenheid.

Dat er af en toe onderhoud aan singels, houtwallen en dergelijke moet plaatsvinden is duidelijk. Maar zoals al opgemerkt moet je hier zorgvuldig mee omgaan. Dergelijke landschapselementen zorgen voor leven in de brouwerij en verfraaien het landschap. Sommige landbouwers echter hebben er maar een hekel aan, omdat houtwallen productieverlies betekent. Om die reden zijn er in het verleden heel wat houtwallen illegaal gesloopt en misschien gebeurt dit nog wel eens. Het is daarom zaak hierop alert te zijn, want boerenland kun je steeds meer betitelen als ’Verloren Land’, althans voor de natuur. Tegenwoordig is grootschaligheid in de landbouw troef en vanwege het monotone karakter hoef je daar niet meer te zijn voor natuurbeleving. Een vogel als de Scholekster tref je er niet meer. Afgelopen zaterdag hoorde ik de eerste in Roden. Hier (en elders) broedt hij noodgedwongen op platte daken, omdat hij op andere plaatsen is verdreven. Inmiddels is deze soort al zo sterk in aantal afgenomen dat hij op de Oranje Lijst van bedreigde soorten is beland.