Veenhuizer Boeren leveren rechtstreeks aan consumenten

‘Met mooiere producten en betere diensten kun je als merk ‘Veenhuizen’ groeien’

VEENHUIZEN – Jan Willems is niet alleen ondernemer, hij is ook verbinder. Hij koppelt mensen met zinnige ideeën voor Veenhuizen aan contacten binnen zijn eigen netwerk om ze handen en voeten te geven. Daaruit is onder andere de Veenhuizer Boeren ontstaan, een platform waar boeren in en rond Veenhuizen hun producten aanbieden en de opbrengst rechtstreeks naar de boer zelf gaat. ‘Mensen die in Veenhuizen komen hebben  belangstelling voor onze producten, diensten en de geschiedenis. Dat moeten we in een grotere regio onder de aandacht brengen.’

Rika Schuiling noemt Jan Willems de dorpsmakelaar. Rika bestiert de gevangenisboerderij in Veenhuizen waar ze meer dan driehonderd verschillende vaste plantensoorten kweekt, bijzondere gewassen verbouwt en dagelijks tussen de veertig en vijftig mensen met grote afstand tot de arbeidsmarkt van werk voorziet. Regelmatig zit ze even met Jan om de tafel om wilde plannen de vrije loop te laten. ‘We bruisen van de ideeën’, lacht Jan.  Een van die ideeën is de groentestal op het Maallustcomplex. Boeren uit de omgeving brengen er zakken aardappelen en uien, Rika bezorgt er wekelijks een grote hoeveelheid prei. De stal is inmiddels ontdekt door heel veel Veenhuizers die er hun groenten halen en rekenen af middels het geldkistje. Geen uitgeknepen prijzen, maar eerlijke prijzen voor de boeren is het idee erachter.

Veenhuizer Boeren

Met de komst van de stal was ook het project ‘Veenhuizer Boeren’ geboren. ‘Via een digitaal platform dat nog in ontwikkeling is, kunnen boeren straks hun producten plaatsten. De prijs bepalen ze zelf. Klanten kunnen via die site de lokale producten bestellen. Die stoppen ze dan in een winkelmandje en rekenen af. De bestelde producten worden naar de gevangenisboerderij gebracht.  Daar worden er pakketten van gemaakt. Vervolgens kunnen klanten hun eigen pakket afhalen op de boerderij. Tot en met woensdag kan er besteld worden, donderdag en vrijdag zijn afhaaldagen. Hiermee hebben boeren een extra verkoopkanaal en klanten gezonde en verse voeding zonder dat ze er meer voor betalen dan bij  de supermarkt.’ Rika haalt een voorbeeld aan: ‘als wij onze prei aanbieden bij de supermarkt, krijgen we er 15 cent voor. De supermarkt verkoopt de prei voor 55 cent. Op het platform kost de prei 30 cent. Voor ons winst, voor de klant ook.’

‘Hier zit zoveel potentie’, weet Jan die in april vorig jaar Piepers & Paupers opende in het gevangenisdorp. ‘Als ik met mijn oude netwerk mensen die met ideeën rondlopen kan helpen om ze uit te voeren of in gang te zetten doe ik dat graag. Zo is ook de Weidewolmer kaas ontstaan. Bioboer Peter Oosterhof wilde graag kaas maken van zijn eigen koeien, ik bracht hem in contact met meesterkaasmaker Jan Craens van Kaaslust. Hij wist er een heerlijke nieuwe kaas van te maken. Bij Piepers en Paupers in Veenhuizen is 90 procent van het aanbod op de menukaart afkomstig van regionale of lokale producenten. De nieuwste lekkernijen op de menukaart zijn kroketten gemaakt van kaas en bier van de buren. Niet lullen, maar vullen noem ik dat. Veenhuizen onder de aandacht brengen in een grotere regio is voor iedereen goed, zolang het maar geen Chinese invasie wordt. We moeten het samen doen, gebruik maken van elkaars kennis en kracht. Alleen dan werkt het. We willen geen tweede Orvelte worden, daar vechten ze elkaar de tent uit. We hebben goed contact met Fredriksoord, één van de zeven Koloniën van Weldadigheid. Zij hebben hun eigen productlijn ontwikkeld, gepresenteerd in een unieke, eigen verpakking. Daar kunnen wij mooi op aanhaken. Met mooiere producten en betere diensten kun je als merk ‘Veenhuizen’ groeien.

De Eerste wijk

Ook op de gevangenisboerderij bruist het. Sinds Rika Schuiling vanaf september vorig jaar samen met Peter Scholten het scepter zwaait, gebeurt er weer wat op de Eerste Wijk, zoals de boerderij officieel heet. Op 100 hectare land verbouwt ze naast de traditionele gewassen onder andere prei, hop, graan en suikerbieten, producten die door heel Nederland verkocht worden. Vijfentwintig jaar werkte Schuiling als districtsmanager voor het UWV. Ze had veel ervaring in arbeidsintensieve processen. ‘Toen dat klaar was, ging ik voor een organisatie aan de slag als arbeidsdeskundige. Via via ben ik in contact gekomen met de directeur van de P.I. in Veenhuizen. De concrete vraag was een oplossing voor de gevangenisboerderij.’ Een caravaan van tig ambtenaren was in de afgelopen jaren voorbijgetrokken, weet Schuiling. Iedereen was vol lof over de plek en de historie, maar ondertussen stond het gras meters hoog en kwam er niets van de grond. Daar bracht Schuiling verandering in. ‘Ik ben altijd op zoek naar arbeidsintensieve processen.  De gevangenisboerderij leende zich daar perfect voor. Ik kan mensen met grote afstand tot de arbeidsmarkt werk bieden. Gedetineerden die de laatste periode van hun straf hier doorbrengen, mensen met een taakstraf, cliënten van de dagbesteding, asielzoekers uit COA’s en studenten. Iedereen loopt hier door elkaar en dat gaat heel goed. Onderling heerst respect. We werken samen met vele partijen en we bieden werkervaringsplekken. Wie talent en ambitie heeft kan hier een opleiding krijgen waarmee ze –met hulp van Maxima Krediet- in het land van herkomst een eigen onderneming kunnen starten. Dat is een toegevoegde waarde waarmee we deelnemers toekomst kunnen geven. Wat tweehonderd jaar bedacht is, voeren wij weer uit.’

Omslag naar duurzame boerderij

De boerderij  kent drie pijlers: een agrarische tak, de kwekerij en het groenonderhoud in Veenhuizen. Zo wordt het groen rond de PI’s en het Gevangenismuseum onderhouden door deelnemers van de Eerste Wijk. ‘Straks gaan we starten met de verbouw van veldbonen. Die worden veel in vegaburgers gebruikt, een sterk groeiende markt. Veldbonen zijn ook goed voor de structuur van de grond: de volgende gewassen hebben de helft minder mest nodig.’ Steeds meer wil Schuiling de omslag maken van een traditionele boerderij naar een duurzame boerderij. Zo gaat ze straks miscanthus veerbouwen. Beter bekend als olifantsgras. ‘Een gewas dat vier keer zoveel CO2 reduceert dan bomen. De stengels worden gehakseld en verwerkt in bouwblokken. Daar komt geen beton aan te pas. Daarmee gaan we straks een proefhuis bouwen.’ Het idee is om binnenkort nog een groentetuin te starten op het landgoed. De gewassen wil Schuiling onder andere leveren aan de keukens van Dienst Justitiële inrichtingen. ‘De boerderij geeft me ongelofelijk veel energie. En wat ik zeker nog even wil noemen is de fantastische samenwerking met de gemeente Noordenveld. We hebben duizend vogelhuisjes voor ze mogen maken, om de eikenprocessierupsen tegen te gaan. We hebben ze zelf aan de bomen gespijkerd. Nu ligt er een bestelling voor bomen. Grappig, want de kweken alleen plantensoorten. Maar we gaan het doen. Die bomen komen er. Er zijn veel te veel mensen die in vakjes denken en niet buiten de lijntjes kleuren. Ik denk graag in mogelijkheden. Voor mij is Veenhuizen één grote speeltuin.’