Voetballen met het vuur in het hart: de Drentjes doen het voor ‘pa’

Leekster avontuur van korte duur voor Wilco Drent

NIEUW-RODEN – Het was begin februari toen Nei-Roner Wilco Drent bekend maakte het blauw van Nieuw-Roden in te ruilen voor het geel van VEV’67. De topschutter gaf te kennen een stapje hogerop te willen, ondanks dat hij zich besefte dat heimwee op de loer lag. Maar dat Wilco nog voor het seizoen goed en wel begonnen was besloot om terug te keren, heeft met veel meer dan alleen heimwee te maken. Zijn vader, tevens zijn grootste supporter, kreeg op 20 april een hartstilstand. Sindsdien staat het leven van de openhartige aanvaller op zijn kop. ‘Ik ben heel anders tegen dit soort dingen aan gaan kijken.’

De Drentjes. Niet de meest fijnbesnaarde voetballers, wat heet. Hun tred is onmiskenbaar. Ze dartelen bepaald niet over het veld. Ze zwoegen, sleuren, slepen. Of het nu Martijn, Sander of Wilco betreft: je ziet het zo. Daar ploegt een Drent het Nei-Roner veld om. Nee, voor tiki-taka voetbal hoef je ze niet te bellen. Maar als de mouwen moeten worden opgestroopt, ben je bij de gebroeders aan het goede adres. En dat komt niet in de laatste plaats door vader Wim. Een man met ‘vuur in zijn hart’, zoals Wilco het zo treffend zegt. ‘Dat wij op het veld altijd alles geven, zit in het aard van het beestje’, analyseert hij. ‘Dat hebben we echt van onze vader.’ Dat juist hij nu al maanden in een Tilburgs ziekenhuis ligt, doet dan ook pijn.

Terug naar februari. VEV’67 kondigt de komst van Wilco Drent aan. Het is een opmerkelijk bericht in het Noordenveldse voetballandschap. Wilco is een jongen van Nieuw-Roden, net zoals zijn broers en zijn vader. Dat hij nu Nieuw-Roden verruilt om in Leek te gaan voetballen, komt dus als een verrassing. Hemelsbreed liggen beide sportparken nog geen vijf kilometer van elkaar vandaan, gevoelsmatig is de afstand voor de verstokte Nei-Roner toch een stuk groter. Maar Wilco maakt de stap. In het eerste van Nieuw-Roden blinkt hij wekelijks uit en hij zegt misschien spijt te krijgen als hij de stap hogerop niet maakt. Hij blijft een Nei-Roner, zo belooft hij. ‘Dat zal nooit veranderen.’

Nu, dik een halfjaar later, blikt hij terug. ‘Ik wilde iedereen bij VEV overtuigen dat ik de scorende man zou worden bij de club. Ik stond echt achter mijn beslissing om naar Leek te gaan, ondanks dat ik wist dat ik heimwee zou krijgen. Maar dat dit zou gebeuren, wist ik natuurlijk ook niet.’

Het is maandag 20 april als vader Wim een hartstilstand krijgt. Hij belandt op de intensive care van het UMCG en gaat daarna vrij snel naar het Martini Ziekenhuis. Zijn hartstilstand heeft vooral zijn hersenen aangetast, zo vertelt Wilco. ‘Daarom is hij uiteindelijk naar Tilburg overgebracht. Hier in het noorden was het lastig om passende zorg te vinden.’

Sindsdien reist de familie Drent geregeld naar het zuiden af. ‘Zo eventjes heen en weer rijden, zit er niet in’, zegt Wilco. ‘Het is drie uur hè. Niet dat je een vrije middag hebt en je zo die kant op gaat.’ Met Wim gaat het nog niet heel best. Lopen kan hij nog niet, eten gaat ook moeilijk. ‘Het contact is lastig’, zegt Wilco. ‘Maar hij herkent ons wel. Hij ziet wie hij tegenover zich heeft. Dat is goed om te zien.’ Voor het herstel trekt de familie al gauw anderhalf jaar uit. ‘Maar je weet niet hoe het loopt. Of hij ooit nog een wedstrijd gaat bijwonen? Dat hoop ik. We gaan maar van het beste uit.’

2020 is voor Wilco een bizar jaar. Een paar weken nadat bekend werd dat Wilco naar VEV zou gaan, werd hij voor het eerst vader van zijn zoontje Jordy. ‘Acht weken later kreeg mijn vader die hartstilstand. Je gaat van het mooiste moment van je leven, naar één van de zwaarste momenten van je leven. Je gaat opeens heel anders tegen bepaalde zaken aan kijken.’

De twijfel over zijn overstap naar VEV kwam al gauw. Moest hij wel in deze hectische tijd weg uit het vertrouwde nest wat VV Nieuw-Roden heet? ‘In mijn hoofd speelde ik met de vraag wat mijn vader had gewild. Had hij het wel leuk gevonden dat ik naar VEV ging? Mijn moeder stelde me gerust. Ze zei dat pa trots was op de overstap en dat hij het juist leuk had gevonden.’

En dus begon Wilco aan zijn periode in Leek. Het viel hem zeker niet tegen. ‘Ik heb een geweldige periode achter de rug’, zegt hij stellig. ‘Was het niet trainer Kees Pranger van wie ik ontzettend veel vertrouwen kreeg, dan was het wel de fantastische spelersgroep die mij perfect opving. Het is echt een leuke groep. Een goede groep ook. Ik merkte dat de spelers technisch verder waren dan ik, maar ik moet het van andere dingen hebben. In ieder geval werd ik heel goed opgevangen.’

Het is dan ook geen wonder dat Wilco het vorige week dinsdag even te kwaad kreeg, toen hij zijn ploegmaats vertelde dat hij terugkeerde naar Nieuw-Roden. ‘Ik wou het de jongens zelf vertellen, juist omdat ik het hier zo naar mijn zin had’, zegt Wilco. ‘Ik sprak in een volle kleedkamer over mijn vader en dat was best lastig. De jongens hadden er begrip voor dat ik nu vastigheid wil. Ik wil bij mijn kameraden en bij mijn broers zijn. Bij VEV had ik het fijn, maar in Nieuw-Roden kennen ze mij en kennen ze mijn vader door en door. Daarom keer ik terug.’

‘Er is veel gebeurd, ook in mijn hoofd’, vervolgt Wilco. ‘Ik wil nu in een vertrouwde omgeving zijn. Met mijn broers, maar ook met jongens als Marcel Kuiper, die voor mij als een derde broer voelt. Op het trainingsveld spreek je elkaar en heb je het erover. Dat voelt goed.’

In plaats van een seizoen in de zaterdagse tweede klasse, wacht nu een seizoen in 3B. Wat voor het seizoen het zal gaan worden, is nog maar de vraag. ‘Ik weet het niet, dat gaan we zien’, zegt Wilco, voor wie de gezondheid van zijn vader veel belangrijker is. Maar hij zou geen zoon van Wim zijn geweest, als hij zich niet  strijdbaar toonde. ‘We gaan ervoor knokken. Zoals onze vader ons geleerd heeft.’