Volop herfst

column-cees-gingko

Puur Natuur

Op weg naar de winter is het voor bomen, struiken en planten zaak hun voortbestaan te regelen. Sommige planten, eenjarigen, doen dat door middel van zaad. Zij moeten dit kunstje jaar in jaar uit flikken, want anders gaat het mis. Bomen daarentegen trekken hun energie terug uit de bladeren en slaan dit op in de stam en takken. Die energie zit in het bladgroen en wanneer dit wordt teruggetrokken verkleurt het blad. Door de vorming van een kurklaagje bij de steelbasis wordt een blad uiteindelijk afgestoten.

Ik heb het hierboven maar heel summier samengevat om het begrijpelijk te houden. Dat verkleuren van bladeren leidt wel tot prachtige plaatjes, want al die verschillende bomen en struiken hebben zo hun eigen herfsttinten die tot een bont spektakel kunnen leiden. Vooral de Amerikaanse eik staat bekend om zijn spectaculaire herfsttinten. Dat geldt tevens voor de Amberboom. Beide laten tal van kleuren zien. Dat geldt niet voor de boom op de foto, de Ginkgo. Die kleurt in het najaar egaal geel. Afgestoken tegen een strakblauwe hemel ziet dat er best mooi uit, maar ik was net een paar dagen te laat om hem op zijn mooist te laten zien. De Ginkgo wordt gezien als één van de (vele) levende fossielen, organismen die miljoenen jaren geleden al leefden. Een andere bekende is de Watercypres, waarvan men dacht dat deze was uitgestorven, totdat men in de jaren veertig van de vorige eeuw deze boom in een ontoegankelijke vallei in China terugvond. Een extremer voorbeeld is de Coelacanth, een vis waarvan men dacht dat deze al 70 miljoen jaar geleden was uitgestorven. Deze was 400 miljoen jaar geleden al bekend. In 1938, en later vaker, belandde deze in het net van een visser. Van deze soorten en andere dacht Charles Darwin dat ze zich konden handhaven, omdat ze leven in een omgeving waar ze weinig concurrentie ondervinden. Ik hang meer de theorie aan van de bekende paleontoloog George Gaylord Simpson die stelt dat de bekende levende fossielen in het algemeen generalisten zijn die goed in staat zijn om in veel verschillende omgevingen te (over)leven.

Koffietijd Een paar weken geleden werd ik door een dame van IVN Nederland, de beroepstak van de ruim 170 plaatselijke IVN-afdelingen, gebeld met de vraag een verhaaltje over paddenstoelen te komen vertellen in het tv-programma Koffietijd. Nou ben ik bepaald geen tv-kijker en al helemaal niet overdag, of het zou een NOS-Journaal zijn of berichten op Teletekst. Daarbij belandde ik wel eens in een ’gezellig’ programma van de omroeporganisatie MAX en vermoedde dan ook dat het dit programma was. Maar nee, het is een programma van RTL 4, een zender waar ik nooit naar kijk. Sowieso kijk ik niet of nauwelijks naar ’de commerciëlen’, maar dat doet er niet toe. Het IVN schijnt een samenwerkingsverband met RTL te hebben en daar paste een item over paddenstoelen goed bij. Ik ken mensen die heel graag met hun hoofd op televisie willen, maar bij mij ligt dat een tikkeltje anders. Ik gaf dan ook aan dat ik geenszins van plan was naar Hilversum af te reizen, maar vast wel iemand kende die er in de buurt woonde die wel wilde. Maar dat leek mevrouw maar niks, want het moest beslist wel een IVN-er zijn die dan ook nog een beetje reclame voor het IVN zou maken.

In het verleden werd ik een paar keer door het radioprogramma Vroege Vogels benaderd. Dan werd je ook geacht om op zondagochtend in Hilversum in de studio aan te schuiven. Dat vind ik veel te veel gedoe. Een keer heb ik wel iets over paddenstoelen verteld voor OOG-TV en dat had best nogal wat voeten in aarde. U moet weten dat je voor een uitzending van misschien een paar minuten soms enkele uren bezig bent. Dat gebeurde ook bij een paddenstoelenexcursie in Drenthe. De tv-ploeg was een hele ochtend aanwezig en het leidde uiteindelijk tot een item van pakweg 2 minuten. Om me heen hoor ik al van mensen die af en toe opdraven voor zoiets dat ze er geen zin meer in hebben, omdat er te veel tijd in gaat zitten. En naar Hilversum op en neer reizen is voor mij dus sowieso geen optie. Je bent er zomaar een hele dag aan kwijt. Overigens had ik daar natuurlijk best een paar ’gezellige’ (griezelige) verhalen over paddenstoelen kunnen vertellen.