Voor de coronapandemie kleurde heel Roden oranje

‘Koningsdag was echt een feest voor en door Rôners’

RODEN – Net als vorig jaar blijft het ook dit jaar stil in de straten van Roden tijdens Koningsdag. Misschien hangt hier en daar een oranje wimpel en worden er tompoezen gegeten op de bank, maar springkussens, vrijmarktkleedjes en grote feesten zullen niet te zien zijn. Dat was voor corona wel anders. Samen met oud-voorzitter Sieny Mulder van de Oranjestichting in Roden blikt De Krant terug op het succes van vroegere jaren.

‘Toen wij in de jaren ’80 hier kwamen wonen, werd met Koninginnedag in Roden niets georganiseerd,’ vertelt Mulder. ‘Er was een korfbaltoernooi in Nieuw-Roden waar wij aan meededen, maar verder was er niks.’ Daar kwam in 1988 verandering in, toen de van oorsprong uit Amsterdam afkomstige Atie Teensma het voortouw nam om met een klein groepje activiteiten te organiseren. ´Daar is al de basis gelegd voor de latere grote Koninginne- en Koningsdagvieringen, met het oplaten van ballonnen, de kindervrijmarkt en de seniorenmiddag in Onder de Linden,’ aldus Mulder.

In de hoogtijjaren van de vrijmarkt was het hele centrum van Roden afgezet, van het Wapen van Drenthe tot aan de Scapino en van het begin van de Wilhelminastraat tot aan de Westerstraat. ‘Daar konden de kinderen op een kleedje hun spullen aanbieden,’ vertelt Mulder. ‘We hadden altijd een groot springkussen, er waren levende standbeelden van jeugdtheaterschool Feniks, kinderen konden ponyrijden.’ Ook de brandweer kwam langs, er waren buikdansers en straatmuzikant Moti uit Groningen trad op. Mulder: ‘De scouting was er ook altijd bij, die bakten pannenkoeken. Later was er een multiculturele markt, waarbij mensen uit het asielzoekerscentrum gerechten klaarmaakten uit hun eigen cultuur. Dat bleef ook nadat het asielzoekerscentrum de deuren sloot. Ook waren er altijd goede doelen. Zo organiseerde de werkgroep Tsjernobyl een grote verloting en had de Voedselbank ook altijd een grote kraam. Die hadden dan een heel goede dag.’

Alleen de goede doelen kregen een kraam. Handelaren waren niet welkom. ‘Koningsdag was echt een feest voor en door Rôners,’ aldus Mulder. ‘We werkten samen met heel veel vrijwilligers, verkeersregelaars, de horeca en ondernemers. Dat ging altijd heel goed.’ In al die jaren kwamen grote incidenten niet voor. Wel vond Mulder het altijd spannend, ‘Vooral aan einde van de dag, als bij het afbreken de auto’s de markt op mochten om de spullen weer in te laden.’ Ook was er een jaar dat er geen dranghekken waren, terwijl normaal alles werd afgezet. Mulder: ‘We haalden de dranghekken altijd op bij de gemeente, maar dit keer waren ze al weg toen we daar aankwamen. De hekken waren per ongeluk naar een hardloopevenement in Norg gegaan. Gelukkig is alles goed gegaan, maar voortaan haalden we de hekken wel eerder op,’ lacht Mulder.’

Bij de opening van Koningsdag speelde muziekvereniging Oranje het Wilhelmus en werden maar liefst 2000 ballonnen opgelaten. ´Vooraf brachten we kaarten naar scholen, waarop leerlingen hun naam en adres konden schrijven´ vertelt Mulder. ´Na afloop verzamelden we de teruggekomen kaarten weer om te kijken welke ballon het verst weg was teruggevonden. We hebben wel meegemaakt dat ballonnen in Rotterdam en Berlijn terecht zijn gekomen. Eén keer kwamen zelfs kaarten terug uit Noorwegen, maar we hebben ook wel meegemaakt dat het heel slecht weer was en er maar drie ballonnen werden teruggevonden. De verste was niet verder dan Drachten gekomen. Dat kan natuurlijk ook.´ Heel het dorp liep uit voor de ballonoplating, maar later mocht dit niet meer doordat er steeds meer kritiek kwam vanwege de milieueffecten ervan. ‘We hebben daarna een dansopening gehad en ook kwam Hit it langs, waarbij kinderen onder leiding van Gerard Boersema trommelden,’ vertelt Mulder. ‘Dat was ook mooi, maar toch trok het minder publiek dan de ballonnen.’

Gedenkwaardig was ook de eerste Koninginnedag van Sieny als voorzitter, zij het niet in positieve zin. ´Dat was in 2009, met het drama in Apeldoorn,´ vertelt ze. Daar reed Karst T. met zijn auto dwars door het publiek tegen een monument op de route van de koninklijke rijtoer. ´We hadden groot feest en toen moesten we om 16.00 uur ineens alles afkappen. Dat maakte wel indruk.´ Een hoogtepunt vond Mulder het optreden van kindercircus Santelli, maar ook het 25-jarig jubileum in 2012. ‘Toen hebben we een grote taptoe op het jaarbeursterrein georganiseerd,’ zegt Mulder. ‘Daar kwamen korpsen uit heel het land op af, zelfs uit Leiden en Sneek. Een jaar vooraf waren we al begonnen met de organisatie en het werven van fondsen en sponsoren. Het was een groot succes, het was alleen jammer dat het zo ontzettend koud was.’

Een jaar later, bij de kroning van Willem-Alexander in 2013, plantte de Oranjestichting een oranjelinde bij Mensinge en werd een boek gemaakt met foto’s van Koninginnedag in Roden. Dat werd later naar de nieuwe koning gestuurd. ‘We hebben toen ook muziekkorpsen bij De Hullen en Vasalis laten spelen en alle basisschoolkinderen en vrijwilligers kregen een mok met de afbeelding van prinses Beatrix, koning Willem-Alexander en koningin Máxima,’ vertelt Mulder. Ook herinnert zij zich de actie van de Staatsloterij, die dorpen opriep om oranje te kleuren. ‘We hebben in samenwerking met bouwbedrijven alle bouwputten in Roden oranje gemaakt. Daar hebben we toen landelijk de tweede prijs mee gewonnen.’

Plotseling veert Mulder op. ‘Heb ik het al gehad over de kinderspelen?’ vraagt ze. ‘We hadden ook altijd een spelcircuit voor kinderen, met blikgooien en dergelijke. Eén keer hadden we zelf een groot aquarium gebouwd, waar kinderen met hengeltjes houten visjes uithaalden. En een andere keer was er een zandbak, waarin we prijsjes begroeven. Konden de kinderen schatgraven.’ Zo zou Sieny Mulder nog uren door kunnen praten over Koningsdag in Roden. ‘Dit is nog maar de helft,’ lacht ze. ‘We hebben zoveel moois meegemaakt.´