‘Wat halen we overhoop en tegen welke prijs?’

Zorgen om coronabeleid: mondkapjes leiden tot valpartijen Heerestraat

RODEN – De mondkapjesplicht die sinds 1 december geldt, zorgt bij sommige inwoners voor fysieke ongemakken. Dat ziet de Roner ondernemer Bart Spandaw, die al drie klanten op leeftijd uit het niets zag vallen tijdens het winkelen. De oorzaak hiervan zou liggen in de mondkapjesplicht. Mensen worden duizelig en gaan hyperventileren, weet hij. Voor Spandaw, die zelf geen mondkapje draagt in zijn winkel, reden om een brief te schrijven gericht aan burgemeester Klaas Smid. Hij maakt zich ernstige zorgen over het copronabeleid dat Nederland hanteert. Naar alle waarschijnlijkheid zit bij het verschijnen van deze Krant het hele land in een harde lockdown en moeten alle niet- essentiële winkels, musea, theaters en scholen tot 19 januari dicht.

In de brief vraagt Spandaw aandacht voor de gezondheid van inwoners, die verplicht zijn om mondkapjes te dragen in de winkel. In de Heerestraat kwamen volgens de ondernemer al drie klanten ten val en allen gaven daarbij te kennen zich duizelig te voelen. De ondernemer biedt de gemeente aan om mee te denken in het coronabeleid. ‘Ik heb zelf eerste hulp verleend aan een mevrouw die gevallen is. Ze is met een behoorlijke hoofdwond afgevoerd naar het ziekenhuis. Klanten die in onze zaak komen ervaren duizeligheid. Voelen zich onprettig. Ze doen hem af of onder de neus om meer lucht te krijgen. En wat doe je (oudere) mensen aan om hun eigen afvalstoffen in te ademen? Ik volg de ontwikkelingen kritisch. Als je 3 minuten onvoldoende zuurstof binnen hebt gekregen en wel je eigen afvalstoffen hebt ingeademd kan er een vorm van hyperventilatie ontstaan tot blijvende hersenschade kan volgen. Hoe zit dat dan met de volksgezondheid? Eerder deden de minister president, RIVM-baas Van Dissel en  minister De Jonge van Volksgezondheid nog uitspraken dat het dragen van het mondkapje geen bescherming biedt tegen het virus. Het verplichte karakter, de geladen sfeer en de angst die er momenteel heerst vind ik heel erg. Ik spreek veel ouderen. Ze vinden het vreselijk dat er nagenoeg niets meer mag. Ze missen het kopje koffie bij de Konditorei. Van een bevriende arts weet ik dat er op dit moment 30 Covid19-patiënten in het UMCG liggen, waarvan 15 op de IC. Ze komen bijna allemaal uit het zuiden en westen van het land.’

Verkeerde weg

Bart Spandaw maakt zich grote zorgen over het coronabeleid van het kabinet. Nu het eraan lijkt te komen dat ook alle ‘niet-essentiële’ winkels dicht moeten, vreest hij niet alleen voor zijn eigen zaak, maar ook voor winkels van collega-ondernemers en het dorp Roden in z’n algemeen. ‘Ik probeer de ontwikkelingen van beide kanten te lezen en te begrijpen. Ik bagatelliseer het virus niet, maar houd me graag aan de feiten. Er wordt gesproken over een stijging van 27 procent van het aantal nieuwe besmettingen. Maar er wordt niet verteld dat er ook 25 procent meer getest is. Nuances ontbreken. Ik heb stellig de indruk dat we de weg die we zijn ingeslagen niet de juiste is. Als je goed leiderschap wilt tonen, moet je in staat zijn om van koers te wisselen. Als rood lang de juiste weg blijkt, maar groen gaandeweg toch beter past, moet je van richting veranderen. Men blijft nu halsstarrig op één lijn zitten. We gaan een goede tijd tegemoet: er zit veel vocht in de lucht. Dat is slecht voor het virus. De besmettingen gaan hoe dan ook afnemen. Wat er straks gaat gebeuren kun je raden: ‘zie je nou, de harde lockdown heeft geholpen.’

De ondernemer ziet veel leed om zich heen. ‘Ik heb zorgen om mijn eigen winkel, maar ook om die van mijn collega’s en het dorp. Iedereen gaat naar Bol.com of naar Amazon. Ik zie ook verschuivingen bij leveranciers. Die doen liever zaken met internetwinkels. Hoeft de vrachtwagen maar naar één punt te rijden in plaats naar verschillende distributiepunten. Er wordt een ongelofelijke slag toegebracht aan stenen winkels. Je moet vreselijk je best doen om het dorp overeind te houden. Het is een ramp waarvan de omvang niet meer te overzien is. De horeca is ook hard getroffen. Maar als zij weer open mogen, krijgen ze het druk. Een borrel drink je niet online. Maar komt de klant die noodgedwongen alles op  internet moet kopen terug? Dat vraag ik mij ernstig af. De kans dat we onze zaak moeten sluiten en met veel schulden achterblijven is er. Wat halen we overhoop en tegen welke prijs?’

Huisarts Marijke Olthof herkent enkele klachten die klanten van Spandaw hebben gehad ten aanzien van de mondkapjes. ‘We krijgen geregeld telefoontjes van mensen die last hebben van het dragen van een mondkapje’, zegt zij. ‘Van andere huisartsen weet ik dat ze dergelijke vragen ook krijgen. Vooral mensen die al longklachten hebben, hebben last van het dragen van mondkapjes.’

Maar juist die groep hoeft volgens Olthof niet per se een mondkapje te dragen. ‘Er zijn mensen die vrijstelling kunnen krijgen’, vertelt zij. ‘Mensen met een longprobleem of een andere ziekte, kunnen vrijstelling vragen. Als huisarts mogen wij niet zomaar een verklaring geven over een patiënt. Daar hebben we laatst als huisartsen gezamenlijk nog aandacht voor gevraagd. Maar patiënten mogen wel een uitdraai van hun medisch dossier meenemen, om zo aan te tonen dat zij vrijstelling hebben.’

De problemen die zouden ontstaan nadat iemand langer dan drie minuten een mondkapje draagt, herkent Olthof niet direct. ‘Daar ben ik niet mee bekend. Bovendien is dat lastig te meten, want dat zou je dan individueel per geval moeten bekijken.’

Olthof adviseert mensen die problemen krijgen met mondkapjes, om een zogeheten ‘face shield’ aan te schaffen. ‘Dat is een scherm die voor het gezicht zit en verder van de mond af staat’, zegt Olthof. ‘Daarmee zou men minder problemen met ademhaling moeten krijgen.’

Landelijk beleid

Burgemeester Klaas Smid heeft inmiddels notie van de brief genomen, maar zegt er momenteel weinig mee te kunnen. ‘Wij zijn niet in staat ons niet aan de landelijke maatregelen te houden’, zegt Smid. ‘Mondkapjes zijn door het kabinet aangemerkt als middel om de verspreiding van het virus te bestrijden. Daar hebben wij ons ook regionaal aan te houden.’

Smid benadrukt dat klanten die ergens zitten of buiten over straat lopen, géén mondkapje hoeven te dragen. ‘Maar de plicht wordt verder landelijk bepaald. Daar hebben wij ons aan te houden. Nationaal is het verder geen discussie, op enkele mensen die pertinent tegen de virusmaatregelen zijn na.’