‘We gaan het probleem niet oplossen, maar willen ons ministeentje bijdragen’

Laetitia en Tineke bieden vluchtelingenhulp op Lesbos

RODEN – Op het Griekse eiland Lesbos worden nog steeds duizenden vluchtelingen gehuisvest. De situatie is er erbarmelijk: de kampen zijn een rommeltje, stromend water is er niet of nauwelijks en er is dringend behoefte aan kleding en andere benodigdheden. Tineke Smid en Laetitia Schweitzer uit Roden gaan hun bijdrage leveren aan de situatie in één van die vluchtelingenkampen. Vanuit de Stichting ‘Because We Carry’ gaan zij een week lang hulp bieden in het vluchtelingenkamp Kara Tepe, waar gezinnen, alleenstaande moeders en kinderen worden opgevangen.  ‘Het is een druppel op de gloeiende plaat, maar het voelt wel goed’, vertelt Laetitia.
Het was op haar werk – het Hospice Gasthuis Groningen – waar Laetitia voor het eerst geprikkeld werd om naar Lesbos te vertrekken. Een vrijwilligster vertelde haar ervaringen op het Griekse eiland en Laetitia, die toch al veel betrokkenheid voelde met het lot van vluchtelingen, werd direct enthousiast. ‘Zij vertelde zulke aangrijpende en boeiende verhalen, waardoor ik er over na ging denken. Die middag ben ik in het bos gaan wandelen en toen heb ik de knoop doorgehakt: ik wilde helpen in het vluchtelingenkamp. Ik mailde meteen naar Stichting ‘Because We Carry’ en een dag later kreeg ik het informatiepakket in mijn mailbox. Ik kon direct aan de slag met het inzamelen van geld.’ Tineke – collega van Laetitia – hoorde van het initiatief en besloot met haar mee te gaan. ‘Ik had eerder al een aantal televisiefragmenten van Johnny de Mol gezien, die op een dergelijk vluchtelingenkamp meehielp. Hij deed dat zo leuk en met zoveel zorg en inzet. Door Johnny en Laetitia ben ik dermate enthousiast geworden, dat ik direct besloot mee te doen.’ En zo stappen de twee Rodenaren aanstaande zaterdag 13 januari op het vliegtuig richting Athene, van waaruit zij uiteindelijk naar Lesbos vliegen.
Het duo vertrekt onder de noemer van Stichting Because We Carry naar Lesbos. Deze stichting werd in 2015 in het leven geroepen, door drie jonge Amsterdamse vrouwen. Zij zagen de beelden van de vele vluchtelingen die per rubber boot voet zetten op het Griekse eiland. Wat hen opviel: de moeders droegen hun kinderen in hun armen. Zij besloten hierop maar liefst duizend draagdoeken naar Lesbos te brengen. Eenmaal aangekomen op Lesbos, zagen zij een situatie die naar eigen zeggen schrijnender was dan zij zich konden voorstellen. Hierop besloten zij een groter initiatief op te zetten en zo werd Because We Carry geboren. Sindsdien zorgt de stichting ervoor dat er iedere week een team van vrijwilligers naar het Griekse eiland afreist. Zij verzorgen daar dan ’s morgens ontbijtjes voor de inwoners van vluchtelingenkamp Kara Tepe en ’s middags zorgen zij voor een breed aantal bezigheden en activiteiten. Zo worden de zinnen van de inwoners van de vluchtelingenkampen, voor even verzet.
Laetitia en Tineke zullen deel uitmaken van alweer de 118e groep die namens de Stichting afreist naar Lesbos. De situatie op het eiland is slecht, dus kunnen ze nou niet per se zeggen dat ze er zin in hebben. ‘Het is meer een soort drive’, vertelt Laetitia. ‘Ik voel me betrokken bij de vluchtelingen en wil de machteloosheid die ik voel wanneer ik het nieuws kijk of de kranten lees, omzetten in daden. In dat opzicht heb ik er wel zin in. Dat we iets kunnen doen, ook al is het dan een druppel op de gloeiende plaat: het voelt goed om iets te doen.’ Tineke is het met haar eens. Ondanks dat ze een vluchtelingenkamp zullen aantreffen waar ellende hoogtij viert, hoopt ze op een aantal leuke en kostbare herinneringen. ‘Het zou alleen al heel waardevol zijn om een kind weer te laten lachen, of een troostende schouder te bieden aan alleenstaande moeders in het kamp’, zegt zij. De ellende in Kara Tepe mag dan ook niet worden onderschat, vinden de twee. ‘Vergeet niet dat de meesten vluchtelingen op het eiland de oversteek hebben gemaakt van Turkije naar Lesbos. Ondanks dat het ‘slechts’ tien kilometer is, is het een gevaarlijke oversteek. Veel vluchtelingen zagen het bij andere bootjes fout gaan. De ellende die zij hebben meegemaakt, is gigantisch’, vervolgt Tineke.
Laetitia en Tineke verwachten een zware week, zowel fysiek als mentaal. ‘We zullen iedere dag met flinke dozen en allerhande boodschappen moeten sjouwen’, zegt Laetitia. ‘Momenteel is het er ook slecht weer. De winters daar zijn – net als hier – vaak geen pretje. Het is nat, koud en modderig. Het wordt absoluut geen vakantie-uitje.’ Tineke vult haar aan: ‘Het zal mentaal ook impact hebben. Je ziet zoveel verdriet en leed voorbijkomen, dat raakt je toch. Maar gelukkig gaan we met een groep heen en zijn Laetitia en ik collega’s. We hebben al afgesproken dat als het ons allemaal wat te veel wordt, wij bij elkaar troost kunnen vinden.’ Laetitia: ‘Er zullen ongetwijfeld een paar tranen vloeien gedurende de week, maar dat hoort er ook bij.’ De twee verwachten dat, juist door hun werk bij Hospice in Groningen, zij hier juist goed mee om kunnen gaan. ‘In ons werk ben je ook veel met leed bezig. Hierdoor kun je sommige dingen beter achter je laten en van je af zetten’, zegt Tineke. Dat wil niet zeggen dat de twee immuun zijn geworden voor verdriet. ‘Maar je kunt het beter een plekje geven. Daar helpen wij bezoekers en bewoners van de Hospice ook mee. Dat is erg waardevol.’
Ter voorbereiding voor hun trip naar Lesbos, werden Laetitia en Tineke geacht 1100 per persoon euro in te zamelen. Dat is inmiddels ruimschoots gelukt, mede door de grote bereidheid van vrienden, familie en inwoners uit de regio. ‘Je moet geld inzamelen en wordt dan heel vindingrijk’, vertelt Laetitia. ‘Je verzint allerlei inzamelingsacties. Dat wordt hier in de buurt ook heel positief ontvangen. Het geld hadden wij hierdoor vrij snel ingezameld en nu zijn we bezig met wat extra dingetjes. Zo zamelen wij kinderondergoed en sokjes in. Daar is veel behoefte aan. Bij kinderen slijt dat snel en aangezien we nog bagageruimte over hebben, zijn we begonnen met de inzameling hiervan. Daarnaast zamelen we nog borduurmaterialen en borduurgaren in. De dames in het vluchtelingenkamp zijn namelijk druk aan het borduren, om de tijd te doden.’
Zaterdag is het dan zover: dan stappen de twee Rodenaren al vroeg op het vliegveld naar Griekenland. ‘De eerste tussenstop is Athene en dan moeten we nog een uurtje vliegen naar Lesbos. Veel tijd om te genieten van Athene hebben we niet, al hebben we al wel afgesproken dat we de Akropolis gaan bezoeken’, zegt Laetitia. Het tweetal is niet bang dat ze heel somber van het eiland terugkeren. ‘We hebben nog niet echt een beeld van wat ons te wachten staat, ondanks dat we al wel een aantal filmpjes hebben gezien. We zullen niet heel verdrietig terugkeren, omdat we steun aan elkaar hebben en verdriet goed een plaats kunnen geven’, zegt Tineke.
Boven alles blijven Laetitia en Tineke reëel. ‘We gaan het probleem echt niet oplossen en dat houden we onszelf niet voor. Het is voor ons gewoon belangrijk om ons ministeentje bij te dragen. Alle beetjes helpen.’

Helpen?

Iedereen die Laetitia en Tineke zouden willen helpen, kunnen dat op meerdere manieren doen. Allereerst zamelen zij nog kinderkleding en borduurmateriaal in tot en met donderdag 11 januari. Helpen kan ook in de vorm van een financiële bijdrage. Mensen die willen doneren, kunnen geld storten op de rekening van de Stichting Because We Carry (IBAN: NL85 TRIO 0391 0737). Meer informatie over de stichting is te vinden op www.becausewecarry.org en op www.facebook.com/becausewecarry.
Iedereen die Laetitia en Tineke direct willen steunen door het doneren van kinderkleding of borduurmaterialen, kan contact opnemen met Laetitia. E-mail: lml.schweitzer@gmail.com, telefoon: 050-5014490. Ook ondernemers die grotere partijen kinderkleding of borduurmaterialen zouden kunnen en willen aanleveren, zijn van harte welkom. Dit kan eventueel later altijd nog worden toegezonden.  De inzameling van Laetitia en Tineke loopt nog tot donderdag.