‘We hebben elkaar nog hard nodig om ook die laatste stap te maken’

OPON-directeur Han Sijbring over opening basisscholen

NOORDENVELD – Nog voor de zomervakantie moeten alle basisscholen in Nederland weer helemaal open zijn. Vanaf 11 mei gaan ze aangepast open, maakte minister-president Mark Rutte vorige week bekend tijdens een persconferentie. Volgens het  RIVM is het openen van de scholen veilig genoeg, omdat kinderen een relatief kleine rol spelen in de verspreiding van het virus. Kinderen gaan voor de helft van de reguliere schooltijd naar school. Openbaar primair onderwijs Noordenveld-directeur Han Sijbring vertelt hoe dat eruit gaat zien.

Voor veel ouders een opluchting: vanaf 11 mei gaan de basisscholen weer open. Weliswaar gedeeltelijk, maar toch. Na een periode van bijna twee maanden op elkaars lip en thuisonderwijs is de rek er in veel gezinnen wel uit. Per dag mag maximaal de helft van de leerlingen op school zijn. En dat betekent dat groepen gesplitst zullen worden, vertelt OPON-directeur Han Sijbring die regelmatig overleg heeft met alle schooldirecteuren in de gemeente. “De helft van het aantal leerlingen van een klas gaat de ene dag naar school, de andere helft de dag erna. In het geval van combigroepen kunnen we daar van afwijken, dan gaat bijvoorbeeld groep 5 op maandag naar school, groep 6 dinsdag. De pauzes zullen meer gescheiden verlopen en tussen de tafels in de klas zit meer ruimte.” De reacties van leerkrachten op de openstelling zijn wisselend, vertelt Sijbring. “De meeste docenten vinden het mooi om weer aan de slag te gaan, anderen vinden het best spannend omdat ze zelf tot de risicogroep behoren of gezondheidsklachten hebben. Leerkrachten die tot de risicogroep behoren, bijvoorbeeld kampen met diabetes of hartproblemen, geven we alle ruimte om met ons in gesprek te gaan.”

Het is niet zo dat maandag onmiddellijk de reken- en taalboeken onmiddellijk op tafel komen om de opgelopen achterstand zo snel mogelijk weg te werken. “Eerst moeten leerlingen weer wennen aan school. Er is veel gebeurd en de situatie heeft een grote impact op iedereen. De aandacht zal eerst uitgaan naar de sociale en emotionele kant.” Toch wordt er gevreesd voor verschillen. De ene thuissituatie is de andere niet. Waar het ene kind prima in staat is om thuis schoolwerk te maken, lukt dat een ander kind om verschillende redenen helemaal niet. “Leerkrachten zijn vaardig genoeg om de verschillen te zien en om ze zo snel mogelijk in te halen. Dat vergt een hoop improvisatie, zeker. Voor iedereen is het een nieuwe situatie. Gelukkig kennen de leerkrachten hun leerlingen en kunnen ze snel schakelen.”

Kwetsbare kinderen

Vooral kinderen uit kwetsbare gezinnen zijn de dupe van de crisis. Doordat spanningen binnen gezinnen oplopen, door bijvoorbeeld financiële zorgen of het verlies van een baan, krijgen kinderen te maken met huiselijk geweld en in sommige gevallen mishandeling. Ook in Noordenveld is dat het geval, liet wethouder Jeroen Westendorp al eerder weten in een interview met deze krant. “Voor kinderen uit kwetsbare gezinnen hebben we in goed overleg met de kinderopvang en scholen opvang geregeld. Voor sommige kinderen een aantal dagen per week, voor een aantal kinderen een hele week. De lesstof voor thuis hebben zij op school kunnen maken. Er is maatwerk geleverd. Ook tijdens de meivakantie blijft de opvang doorgaan.”

Toch heeft de crisis waar we ons met z’n allen in begeven ook iets gebracht, vindt Sijbring. “De flexibiliteit van ouders, leerlingen en leerkrachten is bijzonder. We zijn samen tot veel dingen in staat. Het is geen ideaalbeeld, maar iedereen heeft zijn rol opgepakt. Daar ben ik trots op. Kinderen zijn digitaler en creatiever geworden. Ook op motorisch vlak zien we vooruitgang. De ontwikkeling is rustig doorgegaan. Naar de cognitieve dingen moeten we straks goed kijken. Op hoger niveau zien we hetzelfde: er is veel overleg geweest met directeuren. En zij deden dat op hun beurt weer met de schoolteams. Een heel bijzondere dynamiek. Binnen mum van tijd hebben we digitaal onderwijs opgetuigd. Vanaf 11 mei zullen we richting normaler gaan. Al denk ik wel dat we nog met een groot aantal regels blijven zitten. Wij blijven de ontwikkelingen en de richtlijnen van het RIVM volgen.”

Zomervakantie

Alle OPON-scholen hebben gewoon zes weken zomervakantie, laat de directeur weten. Landelijk is er nogal wat discussie over. Zo zou een groep voor een verkorte zomervakantie pleiten om achterstanden weg te werken. “De insteek is: we gaan gewoon door. Op al onze scholen houden we zes weken vakantie. Daarna gaan de leerlingen over naar een nieuwe groep. Tenzij een kind het hele jaar al op de tenen heeft gelopen. Maar dat is niet afhankelijk van deze zes weken.” Tot slot moet Sijbring nog even iets van het hart: “Ik ben blij dat we met elkaar door deze bijzondere periode zijn gekomen. Maar we hebben elkaar nog hard nodig om ook die laatste stap te maken.”