We mogen blij zijn met Werkgroep Steenbergen

Raad van Noordenveld

Tijdens het besluitvormende deel van de raadsvergadering deze week, zal Glasvezelcoöperatie Noord vermoedelijk als derde partij aangewezen worden voor de aanleg van glasvezel in het buitengebied. Dat is een goede stap in de richting om heel Noordenveld aan het glasvezelnetwerk toe te voegen. Het deed me overigens denken aan de verkiezingstijd, wat zo’n twee jaar geleden weer helemaal losbarstte.

Het was op een dinsdag- of woensdagavond (ik zou het niet meer weten), dat ik mezelf terugvond in de bibliotheek van Peize. De bibliotheken in Noordenveld hadden namelijk het plan opgevat om raadsleden met elkaar te laten debatteren in de boekenpaleizen van Roden, Norg en dus Peize. Het bleek wederom lastig om de inwoner voor de plaatselijke politiek te interesseren, maar voor mij waren het handige en bruikbare avonden om de standpunten van verschillende partijen nog meer uit te diepen. Wat mij van de avond in Peize is blijven hangen, was de opmerking van één van de aspirant-raadsleden, lid van GroenLinks. De beste man, notabene zelf afkomstig uit het buitengebied, voelde niet per se veel voor het glasvezelnetwerk. Zijn redenatie? ‘Ik zit niet zo vaak achter de computer.’ U snapt: waterdicht is die redenatie allerminst, zeker voor iemand die wellicht in de toekomst wat in de politiek wil gaan doen. Dan is het toch handig om verder te kijken dan je neus lang is.

Uiteindelijk blijkt de gemeenteraad dat wél te doen en gaan zij dus – naar alle waarschijnlijkheid – instemmen met de subsidie en de lening voor de Glasvezelcoöperatie. Dat is goed nieuws voor schoolkinderen en studenten uit dorpen als Roderesch en Alteveer. In een tijd dat je voor school ontzettend veel online moet doen, moet je er niet aan denken dat je een werkstuk of opdracht niet voor de deadline kan verzenden omdat het internet gewoon niet meewerkt. Maar wat te denken van de agrariërs in het buitengebied? Ook in die sector staat de tijd niet stil en worden gegevens steeds meer digitaal opgeslagen en verzonden.

De oordeelsvormende vergadering zal grotendeels in het teken staan van de programmabegroting. Een begroting die ietwat tegenvalt, gezien de lage uitkering van het Gemeentefonds. Het zorgt ervoor dat sommige projecten vertraging kunnen oplopen. Denk hierbij aan de Centrumontwikkeling van Roden. Een project voor de lange termijn, waarbij het dorp een kwaliteitsimpuls moet krijgen die tot in lengte van jaren moet zorgen voor veel traffic. Een prestigieus project, dat zeker. Dat moet dus goed gebeuren. Aan de andere kant weet men dat er toch enige haast geboden is. Stilstand is achteruitgang en dat weten de plaatselijke ondernemers als geen ander.

De VVD dient deze week overigens nog een motie in om het college te motiveren een uiterste inspanning te leveren tegen de drukverhoging van Gastopslag Norg. Daarbij vragen zij het college een procedure te starten bij de Raad van State. Over de plannen van Wiebes viel vorige week al uitgebreid te lezen in deze krant. Voor dat artikel bezocht ik twee heren van Werkgroep Steenbergen en een verontruste inwoner van Een (tevens oud-raadslid uiteraard). Het was een verbazingwekkende ochtend. Dat de NAM vuile spelletjes speelt, was me al eens in een eerder interview uitgelegd. Maar toch blijf je je verbazen als je leest hoe mannen als Wiebes de kluit structureel belazeren. Vooral zijn uitspraak dat ‘je nergens zonder risico woont’ (even in mijn eigen woorden), is van een ontluisterend niveau. Ik zat, zoals dat zo mooi heet, met mijn oren te klapperen. ‘We worden gewoon genaaid’, concludeerde het oud-raadslid aan het eind van ons gesprek. En zo is het natuurlijk ook. Of de motie van de VVD wat uithaalt? Ik denk dat het college al doet wat het kan om een eventuele toename van de werkdruk te voorkomen. Maar dan is het nog maar zeer de vraag of Noordenveld kans heeft om deze plannen tegen te houden. Nu is het al eens eerder gelukt om de werkdruk van zes miljard kuub naar vijf te krijgen, maar het blijft vechten tegen een instantie (het Rijk) met meer middelen dan de gemeenten. Aan de andere kant: niets doen is geen optie. Dat het Rijk de problemen van Groningen wil verplaatsen naar andere gebieden, in plaats van de problemen daadwerkelijk te willen oplossen, is verwerpelijk. Wat wij als inwoners kunnen doen? Schades melden. Ons laten informeren en op onze hoede blijven voor de spelletjes van hogerhand. We mogen dan ook blij zijn met mensen die zich verenigd hebben in werkgroepen zoals in Steenbergen.

Meepraten? Twitter: @MathijsRenkema