‘We zijn geen supermensen, maar normale mensen die een opleiding hebben om iets te doen’

Brandweer Roden zoekt versterking

RODEN – Een wereld op zich, die van de brandweer. Of je nu een vrijwilliger van de brandweer spreekt of een oud-brandweerman, één ding hebben ze allemaal gemeen: ze zijn trots. Collega’s voelen als familieleden en de kazerne als hun tweede thuis. Dat beaamt ook Robert van der Woude, postchef bij het korps van Roden waar ze nog wel een paar nieuwe collega’s kunnen gebruiken. “Wij worden opgeroepen als niemand er meer uitkomt. Dan wordt er van ons een oplossing verwacht. Ja, dat geeft zeker een kick.”

Robert van der Woude is samen met plaatsvervangend collega Joey Lapré verantwoordelijk voor de post in Roden. Hij is brandweerman, chauffeur, pompbediende en bevelvoerder. En dat allemaal naast zijn baan als inkoper bij Feeder One in Roden. “Het is net als bij een bedrijf, ook bij de brandweer zit er een natuurlijk verloop in. We kunnen op dit moment wel wat manschappen gebruiken”, begint Van der Woude onder een lekker bakkie aan de picknicktafel achter de kazerne. “We hebben een gezonde opbouw, collega’s in verschillende leeftijden. We zijn een mooie afspiegeling van de samenleving. Dat maakt het ook zo leuk, want je leert van elkaar. Een community? Zo zou je het kunnen noemen. Maar het is niet zo dat we elkaar ook in de weekenden opzoeken. Dat doen we niet. Maar een hechte club is het wel. Je hebt met elkaar hetzelfde doel: je bent opgeleid om hulp te bieden. We zijn echte ‘doeners’. Iedereen heeft hier dezelfde basisopleiding, ‘manschap’. Een tweejarige opleiding die je voornamelijk in de avonduren doet. De theorie volg je veelal thuis, via een elektronische leeromgeving. De praktijklocaties zijn wisselend. Wanneer je de opleiding hebt afgerond, kun je ingezet worden.  Na de opleiding ‘manschap’, kun je ook nog opgeleid worden tot chauffeur pompbediende en bevelvoerder, dan heb je de leiding over de tankautospuit.”

Overzicht

Dertien jaar nu, zit Van der Woude bij de brandweer. Het is onderdeel van zijn leven. Zeker, het thuisfront moet erachter staan, anders is het niet te doen. Want ook al zit je gezellig met de familie aan de barbecue, als de pieper gaat is het inpakken en wegwezen, zegt de bevelvoerder. Ondertussen heeft Luurt Blaauwwiekel zijn bolide achter de kazerne geparkeerd. Na een rondje met zijn herdershond schuift hij aan bij het gesprek. Blaauwwiekel is, net als zijn vader Harry Blaauwwiekel dat was, vrijwilliger bij de brandweer. Zo gaat dat vaak, pa bij de brandweer, zoon ook, weet hij. “Als er iets is gebeurd, is er paniek. Als brandweer heb je snel overzicht. Je denkt direct in oplossingen. Het hele spel en de techniek, de manier waarop je een groot incident aanpakt, dat vind ik mooi”, zegt Blaauwwiekel die bevelvoerder was bij de recente branden bij Bike Life en de Pizzeria aan het Julianaplein. Ook was hij dat bij de storm van vorig jaar die over Roden raasde en bomen als luciferhoutjes uit de grond rukte. “Dat is ook het mooie van de brandweer: met één druk op de knop heb je direct 18 man beschikbaar. Dat zie je nergens anders. We waren heel snel in staat om de knelpunten op te lossen”, zegt Blaauwiekel die zich ook nog de zoektocht naar een jongentje herinnerde. “Hij was al een tijdje zoek voordat wij ingeschakeld werden. We hebben direct teams van twee geformeerd. We wisten ongeveer waar we moesten zoeken. Uiteindelijk vonden we hem in een woning van de buren. In zijn Spidermanpak zat hij in de kast. Hij had iets ondeugends uitgehaald en had zich verstopt voor zijn ouders. We hebben er hartelijk om gelachen. Maar wat ik bedoel te zeggen: we zijn snel met veel mensen om hulp te bieden.”

Van der Woude had de regie bij de natuurbrand van afgelopen voorjaar in het Mensingebos, waarbij het vuur zich door de harde wind snel verspreidde. Dankzij de tactiek en de goede werkwijze van de brandweer kon worden voorkomen dat het bos afbrandde. “Voor ieder natuurgebied is er een protocol. De plekken waar water is zijn in kaart gebracht. De eerste inzet was gericht op insluiten van de brand. Dat heeft goed gewerkt.” Ook bij het fatale auto-ongeluk in 2018 op de N372 vlakbij de afslag Westeresch, had de postchef de leiding. Een vrouw kwam na een frontale botsing om het leven. “Dat zijn ernstige dingen. Aan collega’s die nog maar net komen kijken zeggen we vaak: blijf maar op afstand. Dat er iemand na een ongeluk overlijdt, is heftig. Daar praten we over na op de kazerne. En vanuit de brandweer wordt slachtofferhulp aangeboden, mocht dat nodig zijn. Maar trots dat we mensen hebben kunnen redden uit de andere auto is er ook. We zijn geen supermensen, maar normale mensen die een opleiding hebben om iets te doen.”

De moderne kazerne aan de Westeresch is van alle gemakken voorzien. Eén wand in de ‘huiskamer’, zo noemen ze de kantine van de kazerne, is volledig bedekt met een foto van het korps uit 1950. “Voor de voormalige kazerne aan de Schoolstraat, naast Albert Heijn. Oud-commandant Theo van Zonneveld woonde ernaast. Zijn vrouw deed de meldingen, zo ging dat toen. Hier hebben we een mooi gebouw. Het zit logisch in elkaar. Zo hebben we vaste looproutes en een aparte kleedruimte waar de pakken hangen. De eis is dat we bij een brand in Roden binnen een kwartier ter plaatse moeten zijn. Er zijn twee meetmomenten: het eerste moment is wanneer de eerste auto de deur uit is. Dat duurt bij ons vierenhalve minuut. Het tweede moment is wanneer we ter plaatse zijn, dat is meestal rond negen minuten.”

De gemeente Noordenveld heeft vier brandweerkorpsen: Norg, Peize, Veenhuizen en Roden. “Wij zijn een standaard post. Veenhuizen en Norg ook, Peize is het kleinst. In Roden hebben we drie wagens: de tankautospuit, waterwagen en een personeel-manschapwagen. We werken met twee ploegen. Anders zou het zo zijn dat de mensen die het dichtst bij de kazerne altijd op de grootste auto rijden. Dat is niet de bedoeling.” Post Roden rukt zo’n 100 keer per jaar uit. “We rukken uit bij brand, (auto)ongelukken, een paard (of een ander dier) in de sloot in het geval er chemicaliën in het spel zijn. Het aantal loze meldingen is gelukkig behoorlijk teruggedrongen. Dankzij de Veiligheidsregio, die het gesprek aangaat met ondernemers om loze meldingen te voorkomen.” Potentiele spuitgasten moeten eerst een toelatingskeuring doen, willen ze toetreden tot het korps, weet Van der Woude. “Je moet een baan lopen waarin je brandweer gerelateerde oefeningen doet.  En er wordt op hoogte geoefend, in een bak aan de ladder. Slaag je, ga je drie maanden stage lopen. Daarna kun je aan de opleiding beginnen. Die opleiding bestaat uit twee delen. In het eerste jaar krijg je brand en EHBO, in het tweede jaar technische hulpverlening en gevaarlijke stoffen.”

Wie zin heeft om de ploeg in Roden te versterken, moet minimaal 18 jaar zijn, in staat zijn om snel de kazerne te kunnen bereiken, over een goede fysieke conditie beschikken en gezond zijn. “En je moet 3 van de 5 dagen beschikbaar zijn. Dat betekent dat je afspraken moet maken met je werkgever. Dat lukt niet in ieder beroep. Als je leraar bent kun je niet de klas uitrennen als je opgepiept wordt. Voor de werkgever heeft het ook voordelen: hij heeft een bhv’er aan het werk en iemand met een complete opleiding. Er staat een kleine onkostenvergoeding tegenover, maar daar moet je het niet voor doen. Dit werk doe je vanuit passie om mensen en dieren te helpen. We oefenen elke week, het hele jaar door: auto’s knippen, slangen uitgooien of water oppompen uit sloten. Behalve met kerst, dan doen we niets.  Dat is meer dan de gemiddelde korpsen”, zegt Van der Woude die opstaat om iets uit de huiskamer te halen. Een tekening van een brandweerwagen in een lijstje.  ‘Bedankt brandweermensen dat jullie het bos gered hebben’, schrijft Lars uit Roden die heel vaak op zijn fietsje door het bos rijdt. “Mooi hè? Daar doen we het voor. We nodigen hem binnenkort uit op de kazerne. Ook leuk: we werden laatst benaderd door Ronald Uilenberg van Petje Af Noordenveld. Ze nodigen regelmatig mensen uit om te vertellen over hun beroep. Veel jongens willen bij de brandweer of bij de politie als ze klein zijn. Daar hebben ze een bepaald beeld bij. Ik ben daar met de brandweerwagen geweest en Harry Prak vertelde over de politie. Kinderen vonden het fantastisch. Dat zijn leuke dingen.” Wie ervan droomt de spuit ter hand te nemen, graag hulp wil bieden aan mensen en dieren, op zoek is naar wat nieuwe familieleden en een beetje Verstappen-bloed heeft, mag zich melden via: brw-roden@vrd.nl.