Zaalvoetbal is een kunst

leek voetbalgala actief vako 1

leek voetbalgala actief vako 2Dertigste editie Leekster Voetbalgala; inleidende beschietingen

LEEK – Het is en blijft een kunst dat zaalvoetbal. Iets compleet anders dan voetbal op het veld. Het bewijs wordt jaarlijks op het Leekster Voetbalgala gegeven. Dan blijken de op het veld betere spelers ineens wat onhandig in de zaal. Is de zaal voor die snelle buitenspel toch net wat te klein. Wat opviel: het niveauverschil wordt groter en groter. Een groot deel van de ploegen uit het A-toernooi kunnen wellicht beter strijden om de prijzen in het B-toernooi. Verder nog weinig schokkends. Het ingevoerde gedragsreglement wordt nageleefd. Boerakker gaf hét goede voorbeeld.
Het was tijdens de wedstrijd Boerakker – Actief. Scheidsrechter was Arthur van Dooren. Die liet veel te veel toe. Boerakker speelde matig en zag Actief naar de zege counteren. Sale Rozema van Boerakker was het – volkomen terecht overigens- op een bepaald moment niet eens met Van Dooren. Hij leek even verhaal te willen halen. Liep met grote passen richting de kleine Van Dooren. Tot een ploeggenoot hem met beide handen, en niet bepaald zacht, de andere kant op duwde: wegwezen. Rozema begreep het. Hield zich koest, al verdiende Van Dooren eigenlijk wél een stevige reprimande voor zijn lankmoedige en bepaald niet consequente optreden.
Het niveauverschil wordt steeds groter. In de eerste ronde van het A-toernooi vielen uitslagen te noteren van 0-13, 2-11, 0-11 en 0-10. Hoezo A-toernooi? Een van beide winnaars van het B-toernooi, SV Haulerwijk, verloor met 10-0 van VV Roden. Het had ook 20-0 kunnen zijn. Vincent Van Santen scoorde met een stiftje, Freddy van der Velde probeerde nieuwe trucjes uit. Nivellering dus, en dat is best zorgelijk. Want echt spannend en aantrekkelijk is de eerste ronde van het A-toernooi op deze manier niet. En niet om flauw te doen, maar een alleszeggend voorbeeld was wel de blessure die een speler tijdens de eerste ronde van het A-toernooi opliep. Hij wilde een breedtepass geven, maar trapte hard op de vloer in plaats van de bal. Zijn toernooi zat er zo goed als op. Hij probeerde het nog wel, het ging niet meer.
Uiteraard lieten de betere spelers zich wel even zien tijdens de eerste ronde. Dinsdag bijvoorbeeld, liet Roden zien een beter team te hebben dan voorgaande jaren. Vincent van Santen bijvoorbeeld, heeft zich ontwikkeld tot een prima zaalvoetballer, naast Rutger van der Laan en uiteraard Freddy van der Velde. VEV’67 liet eerder al fraaie staaltjes voetbal zien, net als de virtuozen van Grootegast en Marum. Maar veel het allemaal nog niet om het lijf. Het was te vaak de lamme tegen de blinde. Moet de organisatie maar eens naar kijken, want zoals het toernooi nu verloopt, is het pas vanaf 2 januari spannend. Daarvoor is het een kwelling om alle wedstrijden van de eerste tot de laatste minuut uit te kijken.
Zaalvoetbal is en blijft dus een kunst. Een vak apart. Een kunst die Peize niet bleek te beheersen. Op de een of andere manier is dat nooit een goed huwelijk gebleken. Het is als schaatsen op stroef ijs. Het klopt niet. De spelers van Peize zien er ook niet uit als zaalvoetballers. Het broekje te hoog, net als de sokken. En de voornamelijk zwarte schoenen. Want waar vrijwel iedereen tegenwoordig zaalschoenen in alle kleuren van de regenboog draagt, doet Peize het vooral op zwart. Een van de spelers had oranje schoenen aan. Hij viel op, al was het alleen vanwege die schoenen. Peize ploeterde vier punten bijeen en plaatste zich dus opnieuw niet voor de tweede ronde. Verder was en is zeker de eerste ronde van het toernooi een reünie. Bijpraten, even je gezicht laten zien. Het échte werk begint pas na de jaarwisseling. Op zaterdag 2 januari om precies te zijn.