Zomertrip: Norg

Plaats:  Norg, parkeerplaats Norgerberg

Gids:     Albert Flokstra, voorzitter IVN Norg

NORG – Omdat de komkommers inmiddels volop in de schappen liggen, de temperatuur stijgt naar ongekende hoogte én voor veel mensen de vakantie (bijna) begint, gaat De Krant op pad om de leukste trekpleisters in de regio in beeld te brengen. Waar moeten we zijn, willen we verzekerd zijn een geslaagd uitje?, willen we weten. De allereerste Zomertrip start in Norg.

Norg is hét toeristische hart van Noordenveld. De Brink met de vele gezellige terrassen en restaurantjes, de bijzondere campings en avontuurlijke fiets- en belevingspaden in de Norger bossen maken het noord Drentse dorp aantrekkelijk voor ouders met kinderen, fietsliefhebbers én lekkerbekken. Neem alleen al de campings in Norg. In de Boscamping Langeloërduinen kriebelt het mulle zand lekker tussen je tenen, terwijl je op Camping de Norgerberg op grote hoogte een tukkie kunt doen in één van de boomhutten. Zit je liever in het bruisende hart van Norg, is het slim om een plekkie te reserveren op de citycamping.

Eerst maar eens wat avontuur. We gaan op pad met Albert Flokstra, voorzitter van de natuurclub IVN, afdeling Norg. We starten aan de overkant van de Norgerberg, in de Langeloërbossen. We kunnen kiezen uit twee verschillenden paden: het Natuurpad en het Struin en duinpad. We kiezen voor het laatste. Het handige bordje met de twee ogen en wenkbrauwen zorgt ervoor dat we niet van het pad afraken. Is het linkeroog dicht, moeten we rechts en vice versa. Dat kan niet al te ingewikkeld zijn, vermoeden we. 16 verschillende belevingen zijn er, vertelt Albert terwijl we bij het slangenpad zijn aangekomen. Op de buik tussen de paaltjes door omhoog bewegen is de bedoeling van het ongeveer 10 meter lange pad. “Weten de kinderen meteen hoe een slang zich voelt.” De redacteur kiest vandaag het hazenpad. Modder op het shirt lijkt hem gezien de propvolle agenda geen optie. Kinderen moeten juist vies worden, vindt Albert “Als kinderen niet smerig uit de natuur komen is er iets niet goed gegaan. Kinderen moeten de natuur in, ontdekken wat er leeft, bloeit en groeit. Dat is gezond. Voor lichaam én geest.” Na nog heel veel andere avontuurlijke paden (die we hier niet allemaal uit de doeken doen want zelf beleven is het leukst) zijn we aangekomen aan het einde van het pad. Tijd voor ’n selfie bij de lijst van houten planken. Een beetje vermoeid maar zeker voldaan vertrekken we richting Vlindertuin, die verscholen ligt achter café Zwanenveld.

Zodra we door het houten hekje zijn fladderen de vlinders ons om de oren. Bijtjes zoemen over de heerlijk geurende bloemen. “Hier zijn meer zeldzame vlinders dan ooit gedacht. Het Boomblaauwtje, Koolwitje, de Muntvlinder en het Eikenpage zijn hier al gesignaleerd”, vertelt Albert die vol trots de nieuwe vijver in het park laat zien. “We willen ook dat libellen zich kunnen ontpoppen. Die doen dat onder water. Sommige larven kunnen wel vijf jaar onder water liggen voor ze uitkomen.’ Een kikker springt vanaf de vijverrand het anderhalf meter diep water in om vervolgens weer op een lelieblad naar boven te komen. “Het is hier zo mooi. Je zou een stoeltje moeten pakken en gewoon gaan zitten. In stilte genieten. Eén worden met de natuur. Dán beleef je pas wat!”

Na al het natuurgeweld is het tijd voor een verkoelend drankje. Een lekker chardoneetje op één van de gezellige terrassen in het centrum van Norg. En omdat dat uitstekend bevalt en de verveling nog lang niet toeslaat, laten we ook die slibtongen nog maar komen. Gebraden in roomboter. Een betere afsluiting van de dag is er niet.