Zuigers

Af en toe sta je er versteld van als je weer eens iets leest over de gigantische soortenrijkdom aan insecten en de jaarlijkse aanwas van nieuw ontdekte soorten. En verbazing is er zeker ook over aantallen soorten en de diversiteit per onderorde. Neem bijvoorbeeld wantsen. Daarvan komen er in Nederland alleen al meer dan 600 soorten voor (wereldwijd zijn het er tienduizenden). Alle wantsen hebben een overeenkomstige eigenschap… ze zuigen. Om te kunnen zuigen moeten ze eerst wel steken. Een soort waarmee je liever niet te maken krijgt is de Bedwants.

Met het ’wondermiddel’ DDT had men deze wants bijna uitgeroeid. Het is niet alleen het verbod op het gebruik van deze pesticide, maar vooral ook de mobiliteit (o.a. vakanties) van mensen dat de Bedwants weer hinderlijk aanwezig kan zijn. In sommige steden, zoals bijvoorbeeld New York, neemt het soms al de vorm van een plaag aan. U begrijpt dat je als hotel liever niet wordt genoemd vanwege het voorkomen van bedwantsen; dat scheelt klantjes. Op zich stelt de prik van deze parasiet niet veel voor en ziektes brengt hij niet over. Je kunt er een beetje jeuk van krijgen en dan is het zaak van de plek af te blijven om het niet erger te maken. Van dat prikken verneem je niets. De steeksnuit van de wants heeft twee buisjes: door één van die buisjes zuigt het bloed en door de andere injecteert het een verdovingsmiddel om te voorkomen dat je iets van de prik verneemt en een antistollingsmiddel zodat het bloed blijft stromen zolang de wants zuigt. Zelf heb ik geen ervaring met bedwantsen en hoop dat dit zo blijft.

Naast de parasitaire Bedwants komen er tal van groepen wantsen voor: Bodemwantsen, Graan- en Graafwantsen, Roofwantsen, Schild- Schors- en Vuurwantsen en dan sla ik er nog een paar over. Niet onvermeld mag blijven de Waterwantsen, een groep waarvan u vast wel de Schaatsenrijder kent. Dat zijn echte vleeseters die gezellig samen in een groep een insect dat te water is geraakt leeg zuigen. Dat zouden ze misschien liever alleen doen, maar zodra een prooi is ontdekt zijn er vele kapers op de kust. Zelf kunnen Schaatsenrijders ten prooi vallen aan vissen. Naast deze vleeseters zijn er wantsen die schimmels, fruit, sappen van zaad en plantensappen eten. Dat laatste gebeurt op vrij onschuldige wijze, zodanig dat de plant er niet al te zeer onder lijdt. Van economische schade door wantsen is dus nauwelijks sprake, hoewel ze soms zeer algemeen voorkomen, zoals de Zuringwants. Vanuit de landbouwsector wordt wel geklaagd over grote economische schade (nergens anders wordt harder geklaagd), maar dan heeft men het af en toe over uitval van 3 – 5%. Dat vind ik geen grote schade. Teelten die er mee te maken hebben zijn (onder glas) aubergine, chrysant, gerbera, komkommer en paprika. Vooral de Behaarde wants, Brandnetelwants en de Groene appelwants zijn soorten die er verantwoordelijk voor zijn.

Trienke Tijseling uit Zevenhuizen stuurde me de foto die u boven dit stukje ziet afgebeeld met daarop een Snuitkeverschildwants die een Gewone oorworm heeft verschalkt (door Trienke toepasselijk ’nijptang’ genoemd). Hoewel wantsen best veel voorkomen, ook deze soort, en deze praktijken aan de orde van de dag zijn zie je dit zelden of nooit gebeuren. Een kameraad van me, die zich heel veel met fotografie van insecten bezighoudt, had het nog nooit gezien (ik ook niet) en dus mag je het een unieke foto noemen.

Verkeerde plek

Afgelopen vrijdag werd ik gebeld door mevrouw Wagena (Molenweg) uit Roden. Bij haar liep een Aalscholver in de tuin rond. Zo’n vogel hoort in waterrijke streken te verkeren en niet midden in Roden. Wat voor ongeluk de vogel was overkomen werd niet duidelijk, maar een ietwat hangende vleugel verraadde een ongeval. De Dierenambulance heeft zich erover ontfermd. Heel toevallig schreef Ada Waninge (Boskamp) op haar blog ’De waarde van de dag’ dat de vogel een dag eerder bij haar was gezien en later wegvloog… een eindje verderop naar de Molenweg?