Meer paarden dan vorig jaar, maar ook meer kritiek

 

‘De goeden lijden onder de kwaden’

RODEN – Allereerst goed nieuws. De paardenmarkt in Roden trekt weer aan. De stijging van het aantal paarden was niet zo extreem als tijdens de jaarmarkt van Norg, maar de marktmeesters kunnen zeker terugkijken op een uitstekende paardenmarkt. Albertus Lieffering was dan ook tevreden. ‘De paardenmarkt stond tot de laatste ketting vol. Er zijn veel mensen op de been en er werd al vroeg handel gedreven. Met 265 paarden, 90 pony’s/veulens en 2 ezels hebben we een volle paardenmarkt’, vertelde Albertus. ‘Deze traditie willen we zolang mogelijk voortzetten.’

Dan de keerzijde van de medaille. Er klonk kritiek uit enkele kelen in Roden. De reden? Enkele handelaren lieten hun paarden te lang in het centrum van Roden staan. ‘Ons streven is om alle paarden rond 14:00 uur uit het dorp te hebben’, licht Albertus Lieffering toe. ‘Maar omdat we dit jaar meer paarden hadden dan vorig jaar, is dat niet gelukt. De handelaren weten dat ze rond die tijd moeten vertrekken, maar helaas trokken enkelen zich daar niets van aan. Dat is jammer.’

Ook was er kritiek over de manier waarop paarden werden behandeld. ‘Een aantal handelaren zijn hierdoor op hun vingers getikt door de politie. Het gaat hier overigens om een paar handelaren, niet meer dan drie’, vertelt Albertus. ‘De goeden lijden dan uiteindelijk onder de kwaden en dat is zeer jammer.’
De organisatie heeft naar eigen zeggen door welke handelaren zich niet aan de regels hebben gehouden. ‘We hebben ze in het vizier en ze staan op de zwarte lijst’, zegt Albertus. ‘Dit soort dingen tolereren wij niet.’

Volksvermaken Roden is al vijf jaar lang verantwoordelijk voor de paardenmarkt en tot nog toe verliep die telkens zonder problemen. ‘Voorgaande jaren waren de paarden telkens om 14:00 uur uit het centrum’, vertelt Albertus. Daarnaast onderstreept de marktmeester dat de Vereniging voor Volksvermaken Roden alles in het werk stelt om de paarden het zo comfortabel mogelijk te maken. ‘We leggen strooisel neer en zorgen dat de paarden te eten en te drinken hebben. Dat gaat allemaal onder het toeziend oog van een veearts, die zorgt dat de dieren het goed hebben. Ieder jaar worden er aanpassingen gedaan die ten goede komen aan het welzijn van de dieren. We kijken altijd hoe wij het voor de dieren zo comfortabel mogelijk kunnen maken.’

Daarbij onderstreept Albertus dat vrijwel alle paarden er goed bijstonden. ‘Sommigen zagen er zo verzorgd uit, dat het leek alsof ze naar een concours gingen. Maar goed, uiteindelijk is het ons niet gelukt om álle dieren op tijd uit het centrum te krijgen. Wat we ook probeerden, het lukte maar niet om grip te krijgen op de situatie. Daar werden wij zelf ook niet blij van en dat betreuren we ten zeerste. Volgend jaar zullen we de regels voor de zorg van de dieren nogmaals aanscherpen. We pakken hierbij onze verantwoordelijkheid’, belooft Albertus.

Tot slot wijst hij op een geslaagde dag met veel dieren, vroege handel en veel bezoekers. En degenen die zich niet aan de regels van Volksvermaken hebben gehouden? Die zijn volgend jaar niet meer welkom. ‘Ik heb liever dat we minder paarden hebben en alle dieren uitstekend verzorgd worden, dan dat er dergelijke misstanden ontstaan.’