Utopia

Nee, dit stukje gaat niet over het tv-programma Utopia. Daarover kan ik niet schrijven, en voel daartoe trouwens allerminst enige behoefte, want daar heb ik nog nooit naar gekeken. Het gaat ook niet over het boek uit 1516 over de humanistische heilstaat, het eiland Utopia, geschreven door de Engelsman Thomas More (Morus) die leefde van 1478 tot 1535. Hij werd geëxecuteerd nadat hij in conflict was gekomen met koning Hendrik VIII. Vier eeuwen later werd More heilig verklaard.

Dit boek is verkrijgbaar (vert. Paul Silvertand) en kan ik zonder meer aanbevelen. Het beschrijft het leven in Engeland aan het begin van de zestiende eeuw en gaat over sociale onrust, tirannie, corruptie, de kloof tussen arm en rijk en hoe het zou kunnen zijn (Utopia), zonder dat More geloofde dat dit in werkelijkheid kon worden verwezenlijkt. Het was een sociale satire, maar nog altijd actueel. Nee, dit stukje gaat over Utopia op Texel, een binnendijks natuurterrein van Natuurmonumenten ter hoogte van De Schorren. Voor de Grote stern bleek dit echt een Utopia te zijn en er gingen steeds meer vogels broeden en tegenwoordig praat je over duizenden paartjes. Op deze plek zitten ze veilig. Dat is ten koste gegaan van de kolonie op het eiland Griend waar ze nog nauwelijks broeden. Je kunt ze beschrijven als opportunistische eilandhoppers en dat is niet ten onrechte. Buitendijks broeden ze op hoger gelegen zandplaten, maar bij springtij gebeurt het nogal eens dat de eieren (en jongen) wegspoelen. Een buurman van me zag dat een keer en vertelde dat de oudervogels krijsend van gekte tekeer gingen toen ze dat zagen gebeuren.

Dat krijsen doen ze sowieso wel en de eerste keer dat ik er tijdens mijn afgelopen vakantie was liep ik er aan de waddenkant naartoe. Vanaf die plek had ik geen zicht op de kolonie, maar horen deed ik ze des te meer. Het is een enorm tumult dat ze samen met de vele Kokmeeuwen ten gehore brengen, maar daaraan stoor je je uiteraard niet. Ik althans niet. Het is de sound of nature. Eenmaal de dijk over klonk het geluid nog harder, maar wat wil je als je het hebt over duizenden vogels. Op de dijk heeft Natuurmonumenten een pipo(informatie)wagen staan waar wekelijks een andere vogelwachter in bivakkeert om de boel daar in de gaten te houden. Vanaf die plekken worden ook regelmatig excursies naar De Schorren georganiseerd. Van één van de vogelwachters hoorde ik dat er een keer extra tumult was en toen bleek dat er een Nerts rondliep. Die kun je daar uiteraard niet hebben en dat beestje (ontsnapt of uitgezet?) is dan ook vakkundig uitgeschakeld. Zoveel broedparen heeft natuurlijk geweldig veel vliegverkeer tot gevolg, vooral nu er jongen waren. Die hebben altijd honger en zelf moeten de vogels ook tussendoor eten. Per nest zitten er meestal maar 2 jongen en soms maar 1. Dat scheelt wel. Overal op het eiland zie je de vogels vliegen, vaak in groepjes (foto) als ze op visvangst gaan en alleen als ze met vis terugkeren. Gemiddeld hebben de vissen een maat van ongeveer 15 cm. Wat ik zag was dat ze vooral Zandspiering vingen, maar de van veraf erop gelijkende Smelt versmaden ze niet. Verder staat er Sprot en jonge Haring op het menu.

Dat vissen is mooi om te zien. Het lukt niet altijd in één keer om een visje te verschalken, maar er zit zoveel vis dat ze er maar een paar pogingen voor nodig hebben. Dan is het zaak om dat visje heelhuids over te brengen waarvoor ze soms wel 20 km moeten vliegen. Soms gaat dat mis, want er zijn altijd kapers op de kust. Kleine (en Grote) mantelmeeuwen hebben er namelijk een gewoonte van gemaakt om ze afhandig te maken. Dat doen ze georganiseerd. Eén vogel lukt dat niet, maar vaak zie je een groepje van drie, vier of vijf mantelmeeuwen achter een Grote stern aanjagen en dan moet hij op een gegeven moment zijn buit wel afstaan. Voorlopig ga ik niet weer naar Texel, want na twee weken heb ik het wel weer gezien. Je kunt er lang niet overal komen, want grote delen van het eiland zijn in de periode van 1 maart tot 1 september op slot, hetgeen ik toejuich, want de natuur is gebaat bij rust. Er zijn op diverse plekken nieuwe natuurgebieden in ontwikkeling, een proces dat ik uiteraard ook van harte toejuich. Wat mij betreft mogen er nog wel meer boeren stoppen met hun bedrijf. Er is veel natuur, maar ook nog ontzettend veel landbouw. Soms waan je je op de vaste wal en niet op een eiland, zo uitgestrekt is de polder daar.