Weekje Kara Tepe voelt goed en frustreert tegelijk

Rodenaren hielpen mee op Lesbos

RODEN – ‘Bijzonder, mooi, druk, intensief’, zomaar een aantal krachttermen die Laetitia Schweitzer en Tineke Smid gebruiken om hun week op het Griekse Lesbos samen te vatten. Op het Griekse eiland waar momenteel duizenden vluchtelingen zijn gehuisvest, hielpen zij een week lang mee in vluchtelingenkamp ‘Kara Tepe’. ’s Ochtends verzorgden zij ontbijtjes en de rest van de dag hielpen zij mee bij de verscheidene activiteiten op het kamp.

Begin januari, toen de kerstboom in huize Schweitzer nog fier overeind stond, deden Laetitia en Tineke in deze krant een oproep om zoveel mogelijk kinderkleding en borduurmateriaal op te sturen. Zaterdag 13 januari zouden ze namelijk naar Griekenland vliegen, om daar een week te helpen. Over de inzameling waren ze zeer tevreden. ‘Dat liep heel goed. De bereidheid vanuit de gemeente was geweldig’, zegt Tineke. Laetitia beaamt dat. ‘Je voelt je gedragen door de inwoners van Noordenveld.’ Ze worden in het dorp dan ook vaak aangesproken op hun trip naar Lesbos. ‘Mensen willen weten hoe het was.’
En ja, hoe was het eigenlijk? Dat is iets wat het duo zich ook afvraagt. ‘Fysiek was het nogal een belasting. We waren van ’s ochtends vroeg tot in de avond aan het werk. Bij aankomst in het kamp kun je direct aan het werk’, zegt Laetitia. ‘Gedurende de week liet je af en toe een traan. De mensen in Kara Tepe waren heel vriendelijk, maar ze hebben nogal wat meegemaakt. Dat grijpt je toch aan’, zegt Laetitia. ‘Pas als je terug bent laat je alles op je inwerken. Dan heb je het er af en toe wel zwaar mee.’

Tineke en Laetitia liepen een week mee in Kara Tepe, één van de twee vluchtelingenkampen op Lesbos. Hier zitten zo’n duizend vluchtelingen, allen gezinnen of alleenstaande moeders met kinderen. Het andere vluchtelingenkamp heet Moria, hier zitten zo’n achtduizend vluchtelingen in een kamp waar maximaal tweeduizend terecht kunnen. ‘Dat frustreert’, zegt Tineke. In Moria zijn de omstandigheden veel slechter dan in Kara Tepe en dat terwijl er wel iets aan te doen valt. ‘Moria valt onder verantwoordelijkheid van de EU’, zegt Laetitia. De verantwoordelijken voor het kamp hebben ervaring met dergelijke vluchtelingenkampen, maar toch is de situatie schrijnend. Ik word gewoon boos als ik dat zie. Ik begrijp het niet’, zegt zij.

Desondanks geeft de trip naar Lesbos de dames een goed gevoel. ‘Het is natuurlijk een druppel op een gloeiende plaat, maar het voelt goed om daadwerkelijk iets te doen’, zegt Tineke. ‘De situatie kun je er nauwelijks veranderen. Het enige wat je kunt doen, is je nuttig maken en je tijd goed besteden.’
Een vervolgavontuur lijkt tot de mogelijkheden te behoren. ‘Als je één keer bent geweest, dan wil je vaker’, zegt Tineke. Laetitia: ‘Als je ziet hoe zij het daar hebben, en dat vergelijkt met onze situatie. Dan geneer je je een beetje voor de verschillen. Dat het nog bestaat in de wereld.’ De kans is groot dat de twee dus weer richting Zuid-Europa reizen, en dat ze wellicht zelfs in kamp Moria gaan helpen. ‘We zijn via Stichting Because We Carry heen gereisd. Because We Carry is nu druk bezig om Moria schoon te maken, misschien dat we daar gaan helpen.’ Hartverwarmend vindt het duo hoe de Griekse bevolking tegen de vluchtelingen aankijkt. ‘Ze helpen mee waar het kan en ontvangen de vluchtelingen met open armen. Dat is fantastisch om te zien.’

Sowieso raadt het duo eenieder aan om te helpen op Lesbos. Because We Carry heeft dringend behoefte aan vrijwilligers en nu de weersomstandigheden beter worden, is het fijner vertoeven op het eiland. Mensen die Because We Carry op een andere manier willen helpen, kunnen doneren op NL85 TRIO 0391 0737 96, of kijken op www.becausewecarry.org. Daarnaast kan iedereen die meer wil weten over de reis of vragen heeft over de organisatie, contact opnemen met Laetitia. Dat kan via lml.schweitzer@gmail.com of 050-5014490.